Zoekresultaten 2701-2750 van de 3211 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:126 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024-7587
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:126
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het voorschrijven van verkeerde medicatie. Geen reden om van de reeds gestelde diagnose af te wijken. Toegediende medicatie was passend bij het ziektebeeld.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7320
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:127
Klager verwijt de huisarts van zijn overleden moeder dat zij een blaasontsteking niet heeft herkend en behandeld, onterecht zware medicatie heeft voorgeschreven en haar niet heeft bezocht in het weekend voor haar overlijden. Het tuchtcollege oordeelt dat de huisarts zorgvuldig heeft gehandeld. Zij volgde de geldende richtlijnen bij het urineonderzoek; er was geen blaasontsteking. De medicatie paste bij de palliatieve fase waarin de moeder verkeerde. De huisarts hoefde in het weekend niet bereikbaar te zijn, maar had wel 24-uurszorg geregeld. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7592
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:128
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het voorschrijven van verkeerde medicatie en het inschakelen van de politie om klager dwangmedicatie toe te dienen. Geen reden om van de reeds gestelde diagnose af te wijken. Zorgvuldig medicatiebeleid. Medicatie is passend bij de diagnose en conform de richtlijnen voorgeschreven.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7670
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:129
Een patiënte klaagt over een huisarts omdat hij volgens haar zonder haar toestemming medische informatie met haar vaste huisarts heeft gedeeld en haar hulpvraag niet heeft beantwoord. Het tuchtcollege oordeelt dat niet deze huisarts informatie over patiënte heeft gedeeld maar de vaste huisarts. Het antwoord van de huisarts op haar hulpvraag was toereikend. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:13 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/5925
- Datum publicatie: 29-01-2025
- Datum uitspraak: 29-01-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:13
Klager verwijt de huisarts onder meer dat hij zijn klachten heeft geïgnoreerd, dat hij de uitslag van de MRI heeft genegeerd en dat hij en zijn collega-huisartsen onderling niet over patiënten communiceren, geen recente informatie uitwisselen en deze informatie niet van elkaar lezen. Het college: de arts die een MRI aanvraagt, moet ervoor zorgen dat hij op de hoogte is van de uitslag, ook als de aanvraag enkel gericht is op geruststelling van de patiënt. Er was sprake van onvoldoende aandacht voor de presentatie van de klachten en van onvoldoende opvolging van ingezette stappen. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat er niet gecommuniceerd is of geen informatie is uitgewisseld. De contacten met klager zijn zorgvuldig vastgelegd in het dossier, dat de basis vormt van de communicatie over een patiënt en de continuïteit van zorg. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:130 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7589
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:130
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het opstellen van een onjuiste rapportage. Procedure zorgmachtiging verplichte zorg. Niet kan worden vastgesteld dat de door de psychiater opgestelde medische verklaring onjuist zou zijn. Rapportage voldoet aan de daaraan te stellen eisen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:131 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7725
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:131
Klaagster klaagt over een huisarts in opleiding die haar dochter die oorpijn en koorts had ten onrechte niet heeft verwezen naar een kinderarts en dochter uiteindelijk een hersenvliesontsteking bleek te hebben. Het tuchtcollege oordeelt dat de huisarts zorgvuldig heeft gehandeld: hij heeft het kind goed onderzocht en twee keer met een kinderarts overlegd en diens advies om antibiotica (te proberen) toe te dienen opgevolgd. Op dat moment waren er geen aanwijzingen die konden duiden op een hersenvliesontsteking. Klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:132 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7699
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:132
Een patiënte klaagt erover dat haar huisarts haar hulpvraag niet beantwoordde en zonder toestemming medische informatie met een collega deelde. Het tuchtcollege acht de klacht ongegrond. Het gesprek kon door het gedrag van de patiënte niet goed verlopen en het delen van informatie met een collega binnen een praktijk met wie een vervolgconsult is gepland, is toegestaan.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:133 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7585
- Datum publicatie: 19-11-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:133
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het voorschrijven van verkeerde medicatie. Geen reden om van de reeds gestelde diagnose af te wijken. Toegediende medicatie was passend bij het ziektebeeld.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:134 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7669
- Datum publicatie: 26-11-2025
- Datum uitspraak: 26-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:134
Ongegronde klacht. Verweerder, bedrijfsarts, wordt verweten zonder basisovereenkomst tussen de arbodienst en de werkgever van klager een verzuimconsult te hebben gehouden. Er heeft geen verzuimconsult en geen vrijwillig consult in het kader van arbeidsomstandigheden plaatsgevonden.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:135 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7641
- Datum publicatie: 26-11-2025
- Datum uitspraak: 26-11-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:135
Deels gegronde klacht met waarschuwing. Verweerder, bedrijfsarts, wordt door werknemer verweten dat verweerder onbevoegd een verzuimconsult heeft gehouden zonder basisovereenkomst tussen de arbodienst en de werkgever van klager. Ook wordt verweerder verweten een onjuiste verklaring en onvoldoende informatie over het type consult (arbeidsomstandigheden- of verzuimconsult) te hebben gegeven. Tot slot wordt verweerder verweten dat hij partijdig was en onvoldoende zorg en een onjuiste behandeling zou hebben gegeven, zonder klager te wijzen op het correctierecht en zonder klager inzage te verlenen in de basisovereenkomst.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:136 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8453
- Datum publicatie: 03-12-2025
- Datum uitspraak: 03-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:136
Klacht IGJ tegen internist-hematoloog, momenteel werkzaam in het buitenland, gegrond in alle onderdelen: voorschrijven onderhoudsdoseringen Rituximab (off-label), niet voldaan aan regels omtrent informed consent, tekortgeschoten in dossierplicht en onvoldoende collegiaal overleg gevoerd/onvoldoende samengewerkt. Maatregel: Binding aan bijzondere voorwaarden (als bedoeld in artikel 48 lid 1 onder g van de Wet BIG), inhoudende dat de internist-hematoloog gedurende twaalf maanden uitsluitend werkzaam mag zijn onder supervisie, ingaande vanaf het moment dat de internist-hematoloog zijn werkzaamheden in Nederland hervat.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7937
- Datum publicatie: 03-12-2025
- Datum uitspraak: 03-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:137
Klacht tegen internist. De internist wordt verweten dat zij klaagster tijdens een consult heeft begeleid en behandeld (bejegend) op een manier waardoor klaagster zich niet gehoord en begrepen heeft gevoeld. College heeft niet kunnen vaststellen dat de internist zich niet empathisch genoeg heeft opgesteld. Heeft klaagster juist voorzien van de nodige informatie en op duidelijke wijze met haar gecommuniceerd. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7588
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:138
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen verpleegkundig specialist. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose, het voorschrijven van verkeerde medicatie en het opstellen van foutieve rapportages. Geen reden om de reeds gestelde diagnose aan te passen. Toegediende medicatie was passend bij het ziektebeeld. Rapportage voldoet aan de richtlijnen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7593
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:139
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen verpleegkundig specialist. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het voorschrijven van verkeerde medicatie. Geen reden om de reeds gestelde diagnose aan te passen. Toegediende medicatie was passend bij het ziektebeeld.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5928
- Datum publicatie: 29-01-2025
- Datum uitspraak: 29-01-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:14
Klager verwijt de huisarts onder meer dat hij zijn klachten heeft geïgnoreerd en dat hij en zijn collega-huisartsen onderling niet over patiënten communiceren, geen recente informatie uitwisselen en deze informatie niet van elkaar lezen. Het college: het handelen van de huisarts tijdens het huisbezoek was zeer zorgvuldig. Om tot het oordeel te komen dat een arts een tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt van de onjuiste diagnose, voor zover daarvan sprake was, moet komen vast te staan dat de wijze waarop de arts tot de onjuiste diagnose is gekomen in strijd is met de zorgvuldigheid die van een redelijk bekwame en redelijk handelende beroepsgenoot mag worden verwacht. Dit is niet het geval. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat er niet gecommuniceerd is of geen informatie is uitgewisseld. De contacten met klager zijn zorgvuldig vastgelegd in het dossier, dat de basis vormt van de communicatie over een patiënt en de continuïteit van zorg. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7938
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:140
De moeder van een patiënt dient een klacht in tegen de tandarts omdat deze agressief zou zijn geweest tegen haar driejarige zoon. Het college kan niet vaststellen wat er precies is gebeurd omdat partijen verschillende lezingen over de feiten hebben. Voor zover het college dat wel vast kan stellen, acht het de reactie van de tandarts niet verwijtbaar. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7880
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:141
De moeder van een patiënt klaagt over diens behandeling door de orthodontist. Het tuchtcollege verklaart alle klachten ongegrond. De orthodontist heeft een passend behandelplan opgesteld, de juiste diagnose gesteld (op één schrijffout na), en terecht een KNO-verwijzing gedaan. Het gebruik van een myobrace was verdedigbaar als voorbereidende behandeling. Er was nog geen definitieve behandeling gestart omdat de patiënt tussentijds van orthodontist wisselde. Ook het verwijt over röntgenfoto’s en de positie van tand 15 houdt geen stand.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:142 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7622
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:142
Klacht tegen specialist ouderengeneeskunde gedeeltelijk gegrond. Geen maatregel. De specialist ouderengeneeskunde heeft een melding van het vermoeden van ouderenmishandeling bij Veilig Thuis gedaan. Klager, zoon van patiënte en mantelzorger, verwijt de specialist ouderengeneeskunde onder meer dat zij heeft nagelaten zorgvuldig onderzoek te doen. Het college: Het had op de weg van de specialist ouderengeneeskunde gelegen om zelf (een poging te doen om) met klager/patiënte in gesprek te gaan om klager en patiënte in een voor hen vertrouwde setting te zien en spreken. Het gesprek met klager/patiënte dient onder meer om vanuit haar specifieke deskundigheid en onafhankelijke positie zorgen te uiten, de opvatting van klager als mantelzorger te vernemen, informatie in te winnen en de wensen en mogelijkheden te bespreken om tot een oplossing te komen. De hieruit verkregen informatie dient tezamen met andere informatie ter afweging of er een melding dient te worden gedaan.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:143 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7737
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:143
Klacht tegen oogarts ongegrond. Klager is gezien door de oogarts als onderdeel van de keuring voor de verlenging van zijn rijbewijs. Hij verwijt de oogarts onder meer dat hij een onjuiste diagnose heeft gesteld, zich ten onrechte heeft uitgegeven als behandelend arts en een behandelaanbod heeft gedaan als keuringsarts. Het college: Bij de oogarts is de verdenking van glaucoom gerezen. Dit dient te worden gedeeld met de patiënt en het CBR. De vermelding in de rapportage van behandelend specialist maakt niet dat de oogarts zich als behandelaar heeft uitgegeven. Niet is gebleken dat de oogarts een concreet aanbod tot behandeling van glaucoom heeft gedaan. Het voorstel van de oogarts betrof een nader onderzoek in het kader van de keuring. Het doen van dit voorstel valt hem niet te verwijten.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:144 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7296
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:144
Ongegronde klacht verpleegkundige, praktijkondersteuner. Klaagster, haar ex-partner en hun minderjarige dochter waren patiënt bij de huisartsenpraktijk. Klaagster verwijt verweerster dat zij een melding bij Veilig Thuis heeft gedaan zonder zich aan de KNMG-Meldcode te houden door niet eerst een gesprek met klaagster en haar dochter te voeren. College: Verweerster hoefde niet aan waarheidsvinding te doen. Toen de gespecialiseerde hulpverlening stagneerde, hoefde verweerster niet opnieuw alle stappen van de meldcode te doorlopen. Na de stagnatie en nadat klaagster de afspraak met de dochter had afgezegd, was het niet tuchtrechtelijk verwijtbaar te melden zonder eerst klaagster en de dochter te spreken.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:145 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7297
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:145
Deels gegronde klacht huisarts. Klaagster, haar ex-partner en hun minderjarige dochter waren patiënt bij de huisarts. Klaagster verwijt verweerder dat hij de ex-partner zou hebben geadviseerd een melding te doen bij Veilig Thuis. Klaagster verwijt verweerder dat hij de gestelde zorgsignalen niet heeft getoetst alvorens te melden. Volgens klaagster heeft verweerder de KNMG-Meldcode niet gevolgd. Ook verwijt klaagster verweerder dat hij haar zonder reden zou hebben geadviseerd een andere huisarts te zoeken en dat verweerder ten onrechte heeft gesteld dat zij haar medisch dossier zou hebben gemanipuleerd. Verweerder heeft de dochter doorverwezen voor specialistische hulp zonder toestemming van klaagster. College oordeelt het laatste klachtonderdeel gegrond, de overige klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:146 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7853
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:146
Klager is kennelijk niet-ontvankelijk in zijn klacht tegen de psychiater die een aantal maal contact met klager heeft gehad. Klager was onder behandeling bij een zorgaanbieder en eerste behandelcontact was een gz-psycholoog tegen wie klager eerder een klacht had ingediend. De onderhavige klacht kan niet los worden gezien van de klacht tegen de behandelend gz-psycholoog. Het college heeft de klacht tegen deze gz-psycholoog eerder kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat het college oordeelt dat klager zijn klacht heeft ingediend met het uitsluitend oordeel een contactverbod te omzeilen en om de behandelaar te bedreigen. Het college oordeelt dat de onderhavige zaak met hetzelfde doel is ingediend en dat de bedreigingen zich richten op de gz-psycholoog en de beklaagde psychiater
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:147 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7842
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:147
Klager is kennelijk niet-ontvankelijk in zijn klacht tegen de gz-psycholoog die zijn regiebehandelaar was. De klacht kan niet los worden gezien van de klacht tegen de behandelend gz-psycholoog. Het college heeft de klacht tegen deze behandelaar eerder kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat het college oordeelt dat klager zijn klacht heeft ingediend met het uitsluitend oordeel een contactverbod te omzeilen en om de behandelaar te bedreigen. Het college oordeelt dat de onderhavige zaak met hetzelfde doel is ingediend en dat de bedreigingen zich richten op de behandelaar en de beklaagde regiebehandelaar.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:148 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7923
- Datum publicatie: 17-12-2025
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:148
Kennelijk ongegronde klacht tegen KNO-arts. Klaagster, patiënte, verwijt verweerder onder andere dat hij haar niet hielp met haar bloedneuzen met lage hemoglobine-waarden tot gevolg en dat hij haar huisarts onjuist informeerde. Verweerder verwees klaagster niet door en bood geen second opinion aan. Volgens klaagster stond verweerder klaagster onbeschoft te woord en leunde tegen haar borsten. Verweerder schond de privacy van klaagster door haar informatie te delen in deze procedure en door op illegale wijze informatie te verkrijgen, aldus klaagster. College: Verweerder zag geen bevestiging van de bloedneuzen en spande zich voldoende in. Verweerder schond de privacy van klaagster niet.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:15 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5929
- Datum publicatie: 29-01-2025
- Datum uitspraak: 29-01-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:15
Klager verwijt de huisarts onder meer dat hij zijn klachten heeft geïgnoreerd, dat hij de uitslag van de MRI heeft genegeerd en dat hij en zijn collega-huisartsen onderling niet over patiënten communiceren, geen recente informatie uitwisselen en deze informatie niet van elkaar lezen. Het college: de huisarts had actie moeten ondernemen naar aanleiding van de uitslag van de MRI aangezien hij de uitslag had bekeken en hierover contact met klager heeft gehad, ook al heeft hij niet de aanvraag voor de MRI gedaan. Er was sprake van een situatie waarin de huisarts de urgentie onvoldoende heeft onderkend en waarop door hem niet is gehandeld. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat er niet gecommuniceerd is of geen informatie is uitgewisseld. De contacten met klager zijn zorgvuldig vastgelegd in het dossier, dat de basis vormt van de communicatie over een patiënt en de continuïteit van zorg. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:16 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6595
- Datum publicatie: 05-02-2025
- Datum uitspraak: 05-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:16
Bedrijfsarts wordt verweten dat hij heeft geëist dat klaagster met hem praat terwijl zij dit niet kon door PTSS. Advies bedrijfsarts zou hebben geleid tot een loonstop van de werkgever. College: eis om te praten met bedrijfsarts onder deze omstandigheden tuchtrechtelijk verwijtbaar. De bedrijfsarts had moeten onderzoeken welke andere mogelijkheden er waren. Waarschuwing. Publicatie. Klacht voor het overige ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:17 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6021
- Datum publicatie: 05-02-2025
- Datum uitspraak: 05-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:17
Bedrijfsarts wordt verweten dat zij heeft gezegd dat klager beter ander werk kon zoeken, zonder verdere uitleg en terwijl er tussen klager en de werkgever nog niets was uitgesproken, een arbeidsdeskundig onderzoek heeft voorgesteld terwijl op dat moment nog geen sprake was van voldoende herstel, heeft nagelaten om tijdelijke begeleiding ter overbrugging te regelen nadat de aanvraag voor psychische hulp was afgewezen, onvoldoende zicht heeft gehad op en/of rekening heeft gehouden met de impact die de opmerkingen over de klachten tijdens de twee functioneringsgesprekken hebben gehad hoewel klager telkens aangaf dat deze opmerkingen hem diep geraakt hadden, in de communicatie en wijze van begeleiding niet voldoende rekening heeft gehouden met het feit dat klager autisme heeft door geen oog te hebben voor de stress die het drinken van een kopje koffie bij klager veroorzaakte.College: advies om ander werk te gaan zoeken/onderzoeken of er andere passende functies waren binnen bedrijf niet verwijtbaar. Bedrijfsarts heeft zich ingespannen om psychische hulp te regelen voor klager, dat dit niet is gelukt is haar niet te verwijten. Bedrijfsarts had oog voor situatie van klager, maar communicatie met klager verliep moeilijk. Advies koffie drinken op de werkplek goed bedrijfsgeneeskundig handelen. Het was voor de bedrijfsarts niet duidelijk waarom klager hier moeite mee had. Klacht in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:18 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7001
- Datum publicatie: 05-02-2025
- Datum uitspraak: 05-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:18
Verweerder, internist, wordt verweten: de zorg die door verpleegkundigen was gegeven, onvoldoende contact tussen verweerder en klaagster en de dochter van klaagster, het niet regelen van overplaatsing tijdens een ziekenhuisopname, het niet tijdig regelen van ambulancevervoer. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:19 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7119
- Datum publicatie: 12-02-2025
- Datum uitspraak: 12-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:19
De inspectie verwijt de verpleegkundige dat zij jegens de cliënt grensoverschrijdend en in strijd met de voor haar geldende beroepsnormen heeft gehandeld. De verpleegkundige is kort na diens behandeling een vriendschappelijk relatie met de cliënt aangegaan en heeft samen met hem drugs gebruikt en dit gebruik zelfs gefaciliteerd, terwijl hij kampte met en werd behandeld voor drugsproblematiek, bij welke behandeling zij was betrokken. Zij meende dat het gebruik van deze drugs hem zou kunnen helpen bij het verwerken van zijn trauma’s. Het college acht de klacht gegrond en legt de maatregel van een schorsing voor de duur van zes maanden op, waarvan drie maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023-6531
- Datum publicatie: 03-01-2025
- Datum uitspraak: 03-01-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:2
Klager verwijt de bedrijfsarts onder meer dat zij onvoldoende betrokkenheid en begrip heeft getoond, zich nonchalant heeft opgesteld, een verkeerde diagnose heeft gesteld en geen behandeling/verkeerde vervolgstappen heeft voorgesteld. College: van onvoldoende betrokkenheid, nonchalance of onbegrip is niet gebleken. Het is navolgbaar dat de bedrijfsarts tot een arbeidsconflict heeft geconcludeerd. Dit geldt niet voor de conclusie dat geen sprake meer was van ziekte. De bedrijfsarts heeft in het medisch dossier geen inzicht gegeven in hoe zij tot die conclusie is gekomen. Er zijn echter geen aanwijzingen dat de bedrijfsarts niet tot haar conclusie had kunnen komen. Het advies van de bedrijfsarts tot mediation is in lijn met de STECR-Werkwijzer Arbeidsconflicten. Van verkeerde vervolgstappen is geen sprake. De bedrijfsarts kan niet worden verweten geen behandeling te hebben voorgesteld, omdat klager ten tijde van het eerste spreekuur reeds onder behandeling was en er volgens de bedrijfsarts ten tijde van het tweede spreekuur geen sprake meer was van ziekte. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:20 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6990
- Datum publicatie: 12-02-2025
- Datum uitspraak: 12-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:20
De inspectie doet een voordracht tot doorhaling van de verpleegkundige van diens inschrijving in het BIG-register dan wel tot het treffen van een andere voorziening, vanwege de ongeschiktheid van de verpleegkundige tot het uitoefenen van zijn beroep. De verpleegkundige werkt sinds 2006 in de zorg en sinds 2019 als verpleegkundige. In de periode van augustus 2020 tot april 2023 is sprake van vijf ontslagen van de verpleegkundige bij verschillende zorginstellingen. Deze instellingen hebben ook allemaal een melding gedaan bij de inspectie vanwege disfunctioneren en/of het wegnemen en gebruiken van opiaten tijdens werktijd. De verpleegkundige heeft het wegnemen en het gebruik van de medicatie tijdens werktijd erkend. Het college ontzegt de verpleegkundige gedeeltelijk de bevoegdheid zijn beroep uit te oefenen inhoudende dat hij niet meer werkzaam mag zijn in een organisatie of omgeving waar middelen zoals bedoeld in artikel 2 en 3 van de Opiumwet voorhanden zijn en stelt daarnaast voor een periode van vijf jaar aanvullende voorwaarden aan zijn beroepsuitoefening.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6991
- Datum publicatie: 12-02-2025
- Datum uitspraak: 12-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:21
De inspectie dient een klacht in tegen een verpleegkundige omdat hij medicatie voor eigen gebruik heeft weggenomen en onder invloed van opiaten zorg heeft verleend. De verpleegkundige werkt sinds 2006 in de zorg en sinds 2019 als verpleegkundige. In de periode van augustus 2020 tot april 2023 is sprake van vijf ontslagen van de verpleegkundige bij verschillende zorginstellingen. Deze instellingen hebben ook allemaal een melding gedaan bij de inspectie vanwege disfunctioneren en/of het wegnemen en gebruiken van opiaten tijdens werktijd. De verpleegkundige heeft het wegnemen en het gebruik van de medicatie tijdens werktijd erkend. Het college is van oordeel dat de verpleegkundige tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld zodat de klachtonderdelen gegrond worden verklaard. Als maatregel wordt een gedeeltelijke ontzegging van de bevoegdheid zijn beroep uit te oefenen opgelegd, te weten dat de verpleegkundige niet meer werkzaam mag zijn in een organisatie of omgeving waar middelen zoals bedoeld in artikel 2 en 3 van de Opiumwet voorhanden zijn.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6745
- Datum publicatie: 12-02-2025
- Datum uitspraak: 12-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:22
Huisarts. Klacht: schenden rechten patiënt door niet aanpassen medisch dossier (1), beschadigen vertrouwensrelatie (2), handelen vanuit tunnelvisie (3).College: ongegrond. Verweerster was eerst bereid tot aanpassen dossier. Later wel weigering verwijderen gegevens, maar terecht want weigeringsgrond. Klager had niet volhard in verzoek, inmiddels duidelijk dat klager vanwege onvrede over verweerster naar klachtenfunctionaris SKGE was gegaan en klacht tegen besnijdenisarts ging indienen bij RTG. Geen tunnelvisie.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6768
- Datum publicatie: 19-02-2025
- Datum uitspraak: 19-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:23
Huisarts. Klacht: geen behandelplan (a), langdurig zware pijnmedicatie (oxycodon) voorgeschreven zonder consulteren specialist (b), geen doorverwijzing naar orthopeed (c), wachttijden niet willen verkorten ondanks fysieke achteruitgang en ondraaglijk lijden (d), klaagster niet serieus genomen (e).College: klachtonderdeel a) gedeeltelijk gegrond. Vanaf juli 2023 huisarts te afwachtend, te reactief en geen (duidelijk) behandelplan meer. Voor het overige ongegrond. Huisarts mocht deze dosering oxycodon voorschrijven zonder overleg specialist, geprobeerd wachttijd te verkorten, verwijzing orthopeed niet nodig en klaagster serieus genomen.Maatregel: waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:24 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7809
- Datum publicatie: 26-02-2025
- Datum uitspraak: 12-02-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:24
Klacht van bedrijfsarts tegen een andere bedrijfsarts. Klager heeft op verzoek van de bedrijfsarts een second opinion onderzoek bij een cliënte van de bedrijfsarts uitgevoerd. Klager verwijt de bedrijfsarts handelen in strijd met professionele richtlijnen en wetgeving. Collega als rechtstreeks belanghebbende. Onduidelijk concreet eigen belang dat kan worden geplaatst in het kader van de individuele gezondheidszorg. Geen omstandigheden die rechtvaardigen dat kan worden afgeweken van het algemene uitgangspunt dat een collega geen rechtstreeks belang heeft als hij een klacht indient over de door een andere zorgverlener geleverde kwaliteit van zorg. Voorzittersbeslissing kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7037
- Datum publicatie: 05-03-2025
- Datum uitspraak: 05-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:25
Longarts werkzaam in expertisecentrum wordt verweten dat hij klager om drogredenen een behandeling bij het expertisecentrum heeft onthouden en dat hij geen onderzoek heeft gedaan naar voor klager geschikte Zephyr endobronchiale kleppen. Ook verwijt klager de longarts dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan smaad of laster, door in het verslag te schrijven dat klager thuis een pistool heeft en dat hij de betrokken artsen zal ombrengen en dat psychologie aangeeft dat de veiligheid voor het hele behandelteam niet gewaarborgd kan worden. Multidisciplinair besluit om klager af te wijzen voor de behandeling. Onvoldoende onderbouwde stellingen van klager. Geen aanwijzingen voor drogredenen. Onderzoek naar endobronchiale kleppen heeft plaatsgevonden. Geen ongefundeerde beweringen of vaststellingen van de longarts. Longarts mocht afgaan op de juistheid van de aantekeningen van de psycholoog over het intakegesprek. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6481
- Datum publicatie: 05-03-2025
- Datum uitspraak: 05-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:26
Verwijt aan longarts-intensivist dat zij zonder overleg met klager en zijn familie een niet-reanimeerbeleid in het dossier heeft genoteerd en daarbij ook heeft genoteerd dat dit beleid met de familie is besproken. Beslissing medisch zinloze behandeling. Besluit tot niet-reanimeren op medische gronden is per definitie een besluit waarvoor de wilsverklaring van de patiënt en/of toestemming van de familie niet vereist is. Wel moet de patiënt/familie over dit besluit geïnformeerd worden. Gelet op gewicht en betekenis van een dergelijk besluit moet arts ervoor zorgen dat de strekking van het besluit duidelijk bij de gesprekspartners overkomt. Niet-reanimeerbeleid is voldoende aan de orde geweest. Verweerster heeft zich er ook van vergewist of haar boodschap goed begrepen was. Dat verweerster de inhoud van het familiegesprek niet in dossier heeft genoteerd, leidt niet tot een gedeeltelijke gegrondheid van de klacht. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:27 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6654
- Datum publicatie: 05-03-2025
- Datum uitspraak: 05-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:27
Verweerder was huisarts. Verweerder wordt onder meer verweten dat hij onvoldoende medische zorg heeft verleend, dat er een te summiere overdracht naar de uroloog is gedaan en dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden. College: verweerder had geen antibioticum mogen voorschrijven zonder urineonderzoek met een urinestick te verrichten en eventueel een kweek in te zetten. Hij heeft niet adequaat gereageerd op de aanhoudende pijnklachten van de patiënt en de behandeling teveel op zijn beloop gelaten. In de verwijsbrief is op te summiere wijze verslag gedaan door daarin niet de pijnklachten op te nemen en de patiënt daarmee niet in een bredere context van de problematiek te presenteren. Verweerder heeft zijn beroepsgeheim geschonden door een derde te vertellen dat hij de patiënt had doorverwezen. Klacht gedeeltelijk gegrond. Berisping. Proceskostenvergoeding.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6845
- Datum publicatie: 05-03-2025
- Datum uitspraak: 05-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:28
Klager heeft bij meerdere zorgverleners medische hulp gezocht in verband met aanhoudende klachten van lage rugpijn. De huisarts heeft klager onderzocht, hem pijnstilling voorgeschreven, instructies gegeven aan klager en zijn familie en bloedonderzoek aangevraagd. Klager is uiteindelijk in het ziekenhuis opgenomen met een septische in combinatie met een hypovolemische shock met nierfunctiestoornissen. Klagers verwijten de huisarts dat hij niet heeft geluisterd en geen verder onderzoek bij klager heeft gedaan terwijl daar elke dag om is gevraagd. Het college is van oordeel dat de huisarts de klachten van klager voldoende serieus heeft genomen en/of daar het onderzoek naar heeft gedaan dat van een redelijk handelende en redelijk bekwame huisarts verwacht mocht worden. De klacht dat de huisarts niet heeft geluisterd en onvoldoende onderzoek heeft gedaan is ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7516 en H2024/7445
- Datum publicatie: 05-03-2025
- Datum uitspraak: 05-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:29
Verweerster was als gz-psycholoog betrokken bij de behandeling van klager. Direct nabeëindiging van de behandelrelatie – dan wel nog tijdens de behandelrelatie – is zij met klager een persoonlijke en seksuele relatie aangegaan zonder dat zij een afkoelingsperiode in acht heeft genomen. De relatie heeft bijna zes jaar geduurd. De inspectie heeft een klacht ingediend wegens het niet in acht nemen van een afkoelingsperiode door verweerster. Klager heeft eveneens een klacht ingediend. Hij klaagt niet alleen over het aangaan van de relatie zonder afkoelingsperiode maar ook over de behandeling zelf, het vernietigen van zijn dossier en het schenden van het beroepsgeheim door verweerster.Verweerster erkent dat zij een relatie met klager is aangegaan zonder een afkoelingsperiode in acht te nemen. Zij is zich ervan bewust dat zij daarmee in strijd met de beroepsnormen heeft gehandeld. Zij betwist de klachtonderdelen van klager voor het overige. Het college komt tot het oordeel dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld onder meer door het niet in acht nemen van een afkoelingsperiode en legt de maatregel op van schorsing voor zes maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar met bijzondere voorwaarden.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:3 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7179
- Datum publicatie: 06-01-2025
- Datum uitspraak: 06-01-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:3
De psychiater wordt door patiënte verweten een verkeerde diagnose te hebben gesteld, een onjuiste behandeling te hebben gegeven, onvoldoende informatie over de behandeling te hebben gegeven en een onjuiste verklaring en onjuiste rapportage te hebben gegeven. Verweerder heeft volgens klaagster het beroepsgeheim geschonden en klaagster ten onrechte niet tijdig doorverwezen naar een andere beroepsbeoefenaar. Tot slot verwijt klaagster verweerder grensoverschrijdend gedrag. Het college oordeel klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in haar klacht voor zover deze betrekking heeft op de periode voor 6 mei 2014 en voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7517 en H2024/7446
- Datum publicatie: 05-03-2025
- Datum uitspraak: 05-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:30
Verweerster was als psychotherapeut betrokken bij de behandeling van klager. Direct nabeëindiging van de behandelrelatie – dan wel nog tijdens de behandelrelatie – is zij met klager een persoonlijke en seksuele relatie aangegaan zonder dat zij een afkoelingsperiode in acht heeft genomen. De relatie heeft bijna zes jaar geduurd. De inspectie heeft een klacht ingediend wegens het niet in acht nemen van een afkoelingsperiode door verweerster. Klager heeft eveneens een klacht ingediend. Hij klaagt niet alleen over het aangaan van de relatie zonder afkoelingsperiode maar ook over de behandeling zelf, het vernietigen van zijn dossier en het schenden van het beroepsgeheim door verweerster.Verweerster erkent dat zij een relatie met klager is aangegaan zonder een afkoelingsperiode in acht te nemen. Zij is zich ervan bewust dat zij daarmee in strijd met de beroepsnormen heeft gehandeld. Zij betwist de klachtonderdelen van klager voor het overige.Het college komt tot het oordeel dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld onder meer door het niet in acht nemen van een afkoelingsperiode en legt de maatregel op van schorsing voor zes maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar met bijzondere voorwaarden.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6321
- Datum publicatie: 12-03-2025
- Datum uitspraak: 12-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:31
Verweerster, SEH-arts, wordt verweten dat zij op de Spoed Eisende Hulp onvoldoende onderzoek heeft laten verrichten naar de voet van klager. Volgens klager had verweerster meer onderzoek moeten verrichten naast het verrichte lichamelijk onderzoek en de vervaardigde röntgenfoto. Klager stelt dat verweerster en haar collega, onvoldoende alert waren en meer alert hadden moeten zijn vanwege de postoperatieve status van de voet van klager en vanwege de neurologische aandoening van klager. Verweerster meent niet tuchtrechtelijk verwijtbaar te hebben gehandeld. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6649
- Datum publicatie: 12-03-2025
- Datum uitspraak: 12-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:32
Verweerster, SEH-arts, wordt verweten dat zij op de Spoed Eisende Hulp onvoldoende onderzoek heeft laten verrichten naar de voet van klager. Volgens klager had verweerster meer onderzoek moeten verrichten naast het verrichte lichamelijk onderzoek en de vervaardigde röntgenfoto. Klager stelt dat verweerster en haar collega, onvoldoende alert waren en meer alert hadden moeten zijn vanwege de postoperatieve status van de voet van klager en vanwege de neurologische aandoening van klager. Verweerster meent niet tuchtrechtelijk verwijtbaar te hebben gehandeld. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6972
- Datum publicatie: 19-03-2025
- Datum uitspraak: 19-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:33
Specialist ouderengeneeskunde. Cognitierapport over moeder van klager. Klacht: 1) uitsluiten zorgverleners moeder bij onderzoek, 2) opzettelijk uitsluiten klager (gevolmachtigd mantelzorger), 3) oordelen over klager, 4) opnemen insinuaties, verdachtmakingen en leugens in rapport, 5) verspreiden verdachtmakingen en leugens via social media, 6) ondermijnen algemene volmacht, 7) initiëren en meewerken aan beschermingsmaatregelen moeder, 8) meewerken aan buitensluiten klager bij zorgverleners, instanties en familie, 9) voorzitter raad van bestuur geen ernst en urgentie over kwestie, 10) beschermende maatregelen aan moeder opgelegd.College: Klachtonderdelen 1 en 7: handelingen SO ten opzichte van patiënte en niet klager. Klager niet-ontvankelijk. Klachtonderdelen 3 en 4: SO had opmerking over klager niet (zo) mogen opnemen in rapport. Gegrond. Overige klachtonderdelen ongegrond. 2 en 6: SO niet op de hoogte van algemene volmacht en hoefde dit ook niet te zijn. 5 en 8: niet komen vast te staan. 9 en 10 geen verwijten aan SO.Maatregel: Inzicht in handelen. Geen maatregel.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6929
- Datum publicatie: 19-03-2025
- Datum uitspraak: 19-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:34
Specialist ouderengeneeskunde. Klacht: 1) onvoldoende pijnbestrijding, 2) inconsistent beleid, 3) onduidelijk behandelplan, 4) onvoldoende voorlichting beleid palliatieve sedatie, 5) terughoudend beleid pijnbestrijding en palliatieve sedatie, 6) gebrekkige rapportage.College: Patiënte in terminale fase. Intensiteit pijn niet systematisch (met pijnmeetinstrument) gemeten en bewaakt. Onvoldoende objectief totaalbeeld voor bepalen pijnbeleid. Regelmatig pijnbestrijding onvoldoende en pijn niet onder controle. Te lang reactief gehandeld. Medicatie moeten vastzetten voor effectieve spiegel (WHO-pijnladder). Klachtonderdelen 1, 2, 3 en 5 gegrond. Klachtonderdelen 4 en 6 ongegrond.Maatregel: waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6928
- Datum publicatie: 19-03-2025
- Datum uitspraak: 19-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:35
Specialist ouderengeneeskunde (SO), ook Eerste Geneeskundige. Klacht 1) onduidelijk wie vanaf opname patiënte (moeder van klaagster) in woonzorgcentrum haar regiearts was. Daarom is SO medeverantwoordelijk voor verwijten aan collega-specialist ouderengeneeskundige (H2024-6929): 2) onvoldoende pijnbestrijding, 3) inconsistent beleid, 4) onduidelijk behandelplan, 5) onvoldoende voorlichting beleid palliatieve sedatie, 6) terughoudend beleid pijnbestrijding en palliatieve sedatie, 7) gebrekkige rapportage.College: Klachtonderdeel 1: kennelijk ongegrond. SO was regiebehandelaar patiënte in verpleeghuis. Vanaf opname in woonzorgcentrum niet meer bij zorg aan patiënte betrokken. Duidelijk daar niet SO regiebehandelaar, maar collega-specialist ouderengeneeskunde.Klachtonderdelen 2 t/m 7 over handelen als SO of regiebehandelaar: kennelijk ongegrond. SO na opname woonzorgcentrum niet meer als SO of regiebehandelaar bij zorg betrokken. Niet verantwoordelijk voor zorg door andere artsen.Klachtonderdelen 2 t/m 7 over handelen als Eerste Geneeskundige: klaagster kennelijk niet-ontvankelijk. Handelen als Eerste Geneeskundige valt niet onder eerste tuchtnorm. Geen handelingen in hoedanigheid specialist ouderengeneeskunde en geen weerslag op individuele gezondheidszorg. Daarom ook geen toetsing aan tweede tuchtnorm.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7240
- Datum publicatie: 19-03-2025
- Datum uitspraak: 19-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:36
Kennelijk ongegronde klacht over de conclusie van een verzekeringsgeneeskundige rapportage. Garantie voor een volledig veilige terugkeer in eigen werk kan niet worden gegeven, maar dat betekent nog niet dat terugkeer in eigen werk niet mogelijk zou zijn.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7072
- Datum publicatie: 19-03-2025
- Datum uitspraak: 19-03-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:37
Kennelijk ongegronde klacht tegen arts, die medisch advies van een verpleegkundige heeft goedgekeurd over de vraag of klager (een minderjarige asielzoeker) kan worden gehoord door de IND. Het rapport voldoet aan de daarvoor geldende eisen. Dat achteraf (na specifiek psychologisch en medisch onderzoek) is gebleken dat klager meer medische klachten heeft dan de verpleegkundige en de arts hebben geconstateerd, kan haar niet worden tegengeworpen. Van de wijze waarop de organisatie is ingericht, kan de arts geen verwijt worden gemaakt.