Zoekresultaten 51-100 van de 131 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:150 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-103/DH/RO

    Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijk geschil gegrond. Verweerder heeft een betalingstermijn van 2 dagen gehanteerd. Hij heeft zijn eigen belang laten prevaleren, terwijl hij zich de-escalerend had moeten opstellen en (verdere) polarisatie diende te voorkomen. Verweerder heeft in een eerdere tuchtrechtelijke procedure toegezegd dat hij in de toekomst zorgvuldiger zou afwegen of een minder polariserende toonzetting aangewezen zou zijn. Die toezegging heeft hij geschonden. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:151 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-022/DH/RO 24-023/DH/RO

    Klacht tegen advocaat-onderzoekers ongegrond. Het advocatentuchtrecht is weliswaar op de advocaat-onderzoeker van toepassing, maar van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen is slechts sprake wanneer hij zich bij de vervulling van de functie als onderzoeker zodanig gedraagt dat daardoor het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. De kernwaarden partijdigheid en vertrouwelijkheid gelden niet, de kernwaarde onafhankelijkheid des te meer. De raad is van oordeel dat het door verweerders verrichte onderzoek en de naar aanleiding daarvan uitgebrachte rapportage voldoet aan de daaraan te stellen eisen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:152 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-123/DH/RO/D

    Dekenbezwaar. Uit de door de deken aangevoerde omstandigheden volgt dat verweerder onvoldoende blijk geeft van een betamelijke, onafhankelijke en professionele beroepsuitoefening. Verweerder komt daardoor herhaaldelijk in conflict met rechters en personeel van PI’s en overschrijdt daarbij de grenzen van het betamelijke. Verweerder toont geen respect voor de regels en de (volle) agenda’s van de ketenpartners in strafzaken en geeft de indruk van mening te zijn dat alle partijen voor zijn persoonlijke praktijkvoering moeten wijken. Dit heeft er onder meer toe geleid dat hem de toegang tot diverse PI’s is ontzegd. De raad acht dat ernstig, temeer nu verweerder het laakbare van zijn handelwijze niet in lijkt te zien en de zorgelijke signalen eerder toe- dan afnemen. Met zijn houding heeft verweerder niet alleen de belangen van derden onnodig geschaad, maar ook die van zijn eigen cliënten en het algehele vertrouwen in de advocatuur. De raad neemt met name hoog op dat door verweerders handelen de uitzonderingspositie voor advocaten om digitale gegevensdragers naar de PI’s mee te mogen nemen in gevaar kan worden gebracht, juist in een periode waarin de vertrouwelijke communicatie tussen gedetineerden en hun advocaten al onder druk staat. De signalen zijn ieder voor zich wellicht onvoldoende voor het opleggen van een tuchtrechtelijke maatregel, maar het terugkerende karakter ervan en de jonge leeftijd en relatieve onervarenheid van verweerder als advocaat maken dat de raad met de deken van oordeel is dat enige hulp en begeleiding van verweerder door een onafhankelijke derde geboden is. Voorwaardelijke schorsing van vier weken met als bijzondere voorwaarde het volgen van een coachingstraject.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:153 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-074/DH/RO

    Raadsbeslissing. Verweerder heeft zijn werkzaamheden voor de vennootschap mogen blijven verrichten tot het moment dat de door de OK benoemde interim-bestuurder besloot dat het beter was als verweerder niet langer als advocaat van de vennootschap zou blijven optreden. Het feit dat de OK heeft besloten een interim-bestuurder te benoemen, betekent immers niet dat daarmee automatisch ook de opdracht van de vennootschap aan verweerder was beëindigd en dat sprake was van een belangenconflict. Verder was de interim-bestuurder van de vennootschap zelfstandig bevoegd om de vennootschap te vertegenwoordigen. In dat kader was de interim-bestuurder ook bevoegd om de declaratie van verweerder, met bijgaande urenspecificatie, goed te keuren en betaalbaar te stellen. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:154 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-481/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk omdat het griffierecht te laat is betaald.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:155 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-441/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over brief van de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerder heeft als partijdig belangenbehartiger van zijn cliënten op zakelijke en correcte wijze gecommuniceerd.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:156 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-438/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de bijstand van de eigen advocaat in een geschil met een onderwijsinstelling. De enkele niet onderbouwde stelling van klaagster dat zij de zaak met een second opinion rapport had kunnen winnen, is onvoldoende. De voorzitter kan niet vaststellen dat verweerder op dit punt tekortgeschoten is.

  • Klacht tegen landsadvocaat, kantoorgenoten en kantoor over onder meer het schenden van het verschoningsrecht en het onjuist informeren van de rechter. De klacht tegen het kantoor is niet-ontvankelijk, omdat de klacht niet alle bestuurders van de rechtspersoon kan worden aangerekend. De klacht tegen de landsadvocaat is deels niet-ontvankelijk, omdat de klacht te laat is ingediend. De klacht tegen de landsadvocaat en een kantoorgenoot over het onjuist informeren van de rechter is ongegrond. De raad verklaart de klacht over het bewaren van (verschoningsgerechtigde) e-mails door de landsadvocaat wel gegrond en legt daarvoor een waarschuwing op. De klacht tegen een kantoorgenoot over het vertrouwelijk advies en het daarbij gebruiken van verschoningsgerechtigde e-mails is ongegrond, gezien de concrete omstandigheden van het geval.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:158 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-521/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Verweerder heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Verweerder mocht namens zijn cliënten sommeren om de overeenkomst na te komen, ongeacht welke van de twee ondernemingen nu precies de contractspartij was. Daarbij mocht verweerder aangeven de niet-nakoming voor te leggen aan de civiele rechter. Van onvoldoende distantie, belangenverstrengeling of ondoelmatig handelen is niet gebleken. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:159 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-511/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een geschil tussen ondernemingen. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Niet gebleken is dat verweerder heeft gelogen over zijn betrokkenheid bij de totstandkoming van de overnameovereenkomst. Evenmin is gebleken van ondoelmatig handelen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:160 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-510/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Niet gebleken is dat verweerster verklaringen heeft gewijzigd. Klager had verder een eigen advocaat en kon zelf stukken inbrengen in de procedure.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:161 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-494/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de bijstand van de eigen advocaat kennelijk ongegrond. Verweerster heeft zich aan de opdracht gehouden en heeft op verzoek van klager een persoonlijk gesprek met de president en behandelend raadsheer geregeld. Het stond verweerster vrij daarna te concluderen dat zij niets meer voor klager kon doen. Van het optreden als klachtenfunctionaris in de eigen zaak is geen sprake.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:162 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-469/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht te laat ingediend en daarom niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:120 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-555/DB/LI

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Verweerder heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door niet tegemoet te komen aan de wens van klager om de – vermeende - fouten in de PBC-rapportage in de vorm van een cassatiemiddel aan de Hoge Raad voor te leggen. Een advocaat moet bij de behandeling van een zaak de leiding nemen en vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. Verweerder heeft gemotiveerd aan klager toegelicht dat en waarom hij in cassatie geen ruimte zag om de – vermeende - fouten in de PBC-rapportage in de vorm van een cassatiemiddel aan de Hoge Raad voor te leggen. Als klager het niet met verweerders aanpak eens was kon hij zich tot een andere advocaat wenden. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:124 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-591/DB/LI

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Klager heeft zich op 12 juni 2024, derhalve ruimschoots na het verstrijken van de in artikel 46g lid 1 aanhef en sub a Advocatenwet bedoelde termijn, met een klacht over de kwaliteit van verweerders dienstverlening tot de deken gewend. Niet is gebleken dat klager niet eerder dan op 12 juni 2024 heeft kunnen klagen. Van een verschoonbare termijnoverschrijding is geen sprake. De voorzitter zal de klacht op grond van het voorgaande met toepassing van artikel 46g lid 1 aanhef en sub a Advocatenwet niet-ontvankelijk verklaren.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:125 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-554/DB/LI

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke procedure. Uitganspunt is dat verweerster mag uitgaan van de informatie die zij van haar cliënt heeft ontvangen. Verweerster kwam de vrijheid toe om een gerechtelijke procedure te starten voor haar cliënt.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:211 Hof van Discipline 's Gravenhage 230232

    Klagers komen in beroep tegen een verzetbeslissing van de raad. Appelverbod niet doorbroken, omdat de gronden zien op de motivering en inhoudelijke beoordeling van de beslissing van de raad. Voor zover wel beroep openstond tegen de verzetbeslissing (want verzet gegrond) is hoger beroep niet-ontvankelijk, omdat de klacht te laat is ingediend. Ten slotte staat geen beroep open tegen de beslissing van de raad om de zaak na het overlijden van oorspronkelijke klaagster in het algemeen belang (niet) voort te zetten. Beroep deels niet-ontvankelijk, deels ongegrond. Bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:226 Hof van Discipline 's Gravenhage 230309

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerster wordt als advocaat van de vrouw verweten dat zij zich in diverse gerechtelijke procedures onnodig grievend over klager heeft uitgelaten en feitelijke informatie heeft verstrekt waarvan zij wist of kon weten dat die onjuist was. Het hof is, anders dan de raad, van oordeel dat verweerster bij het schetsen van de achtergrond van de complexe verhouding tussen klager en de vrouw onvoldoende duidelijk heeft gemaakt dat zij dit deed vanuit het perspectief van de vrouw. Door beschuldigingen aan het adres van de man als eigen feiten te presenteren in plaats van als de visie van haar cliënte, heeft zij zich – zonder enig onderzoek naar de juistheid van de stellingen van de vrouw – suggestief en onnodig polariserend opgesteld. De belangen van klager zijn daardoor nodeloos geschaad. Vernietiging raadsbeslissing en oplegging van de maatregel van een waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:227 Hof van Discipline 's Gravenhage 240089

    Verzet tegen afwijzing van de voorzitter om een klacht over verweerster te verwijzen naar een andere deken voor onderzoek en afhandeling. Het verzet is afgewezen omdat de voorzitter op goede gronden heeft geoordeeld dat klaagster misbruik maakt van klachtrecht. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:228 Hof van Discipline 's Gravenhage 230355

    Klacht over eigen advocaat. Van verweerder wordt als letselschadeadvocaat verwacht dat, als een cliënt bij hem komt en stelt een onjuiste medische diagnose te hebben gekregen, hij een medische deskundige inschakelt om die inschatting te kunnen maken. Berisping. Proceskosten.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:229 Hof van Discipline 's Gravenhage 240230

    Artikel 13-beklag. Klager wil in hoger beroep komen tegen het vonnis van de kantonrechter omdat hij een vergoeding wenst van de uren die hij in de procedure heeft gestoken in plaats van een forfaitaire proceskostenvergoeding. Geen redelijke kans van slagen. Deken heeft op goede gronden beslist. Beklag ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:230 Hof van Discipline 's Gravenhage 240166

    Artikel 13-beklag. Klaagster wenst een advocaat, omdat zij advies wil over de berichten die zij van de gemeente heeft ontvangen. De deken heeft het verzoek op goede gronden afgewezen, omdat voor juridisch advies over de betekenis van de berichten van de gemeente geen advocaat is vereist. Beklag ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:231 Hof van Discipline 's Gravenhage 230081 230082 230083 230084

    Eindbeslissing na vernietiging van de beslissing van de raad waarin klaagsters niet ontvankelijk zijn verklaard in hun klacht. Inhoudelijke behandeling van de klacht ingediend door bestuurder en aandeelhouder van besloten vennootschap over advocaten die de andere twee aandeelhouders van de vennootschap hebben bijgestaan in een aandelengeschil. Klacht deels niet-ontvankelijk en voor het overige ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:232 Hof van Discipline 's Gravenhage 230373

    Klacht over advocaat wederpartij. Klaagster heeft niet mogen begrijpen dat een vaststellingsovereenkomst tot stand is gekomen, nu zij die pas heeft getekend en retour gestuurd nadat de rechter al vonnis had gewezen. Zij heeft geen ondertekende versie retour ontvangen van de wederpartij. Het stond verweerster vrij om uitvoering te geven aan het vonnis. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:233 Hof van Discipline 's Gravenhage 230342

    Klacht tegen de advocaat van de wederpartij over de handelwijze van verweerder om klager te dwingen af zien van de restitutie van proceskosten die klagers in eerste aanleg hebben betaald aan verweerders cliënte, waarbij verweerder een niet bepleitbaar standpunt heeft ingenomen en daarbij ook nog oneigenlijke druk heeft uitgeoefend op klager. Bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:234 Hof van Discipline 's Gravenhage 230393

    Klacht over eigen advocaat. Niet gebleken is dat verweerder de belangen van klaagster niet goed heeft behartigd. Het was overigens beter geweest als verweerder aan klaagster had laten weten dat de procedure bij de huurcommissie achterhaald was door het deskundigenonderzoek, maar niet zo ernstig dat sprake is van een tuchtrechtelijk verwijt. Klaagster had de opdracht al beëindigd voor het deskundigenonderzoek was beëindigd. Klacht ongegrond, bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:235 Hof van Discipline 's Gravenhage 230343

    Klacht tegen de eigen advocaat. Volgens klager voldoet de opdrachtbevestiging van verweerder niet aan de daaraan te stellen vereisten. Ook heeft verweerder volgens klager zijn geheimhoudingplicht tegenover de verzekeraar van klagers wederpartij geschonden en heeft hij excessief gedeclareerd. Bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:236 Hof van Discipline 's Gravenhage 240145

    In deze spoedzaak ligt de vraag voor of verweerder vooruitlopend op de behandeling in hoger beroep van een tuchtrechtelijke veroordeling met onmiddellijke ingang moet worden geschorst in de uitoefening van de praktijk. De raad heeft het verzoek van de deken tot schorsing toegewezen. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad gedeeltelijk en vernietigt de beslissing voor zover daarbij voorlopige voorzieningen zijn opgelegd.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:237 Hof van Discipline 's Gravenhage 230303

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerder wordt verweten dat hij in rechte correspondentie heeft overgelegd waarin schikkingsonderhandelingen zijn opgenomen, zich schuldig heeft gemaakt aan belangenverstrengeling en de voorzieningenrechter bij het leggen van conservatoir beslag verkeerd heeft voorgelicht. Het hof is met de raad van oordeel dat verweerder zich op deze punten tuchtrechtelijk verwijtbaar jegens klager heeft gedragen en bekrachtigt het oordeel van de raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:238 Hof van Discipline 's Gravenhage 230341

    Hoger beroep ingetrokken. Hof bepaalt ingangsdatum schorsing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:239 Hof van Discipline 's Gravenhage 240210

    Beklag tegen afwijzing van verzoek aanwijzing advocaat (art. 13 Advocatenwet) ongegrond. Beroepstermijn was reeds verstreken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:240 Hof van Discipline 's Gravenhage 230186

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Het betreft hier een wederzijds appel. De beroepsgronden van klaagster falen. Het hof sluit zich aan bij de beslissing van de raad dat verweerster geen tuchtrechtelijk verwijt treft ten aanzien van de handelingen waarover klaagster heeft geklaagd en neemt die beslissing over. Het hof overweegt in aanvulling daarop dat de beroepsgronden van klaagster betrekking hebben op de onderliggende civiele procedure. Het is niet aan de tuchtrechter, maar aan de civiele rechter om over deze stellingen te oordelen. Het beroep van verweerster slaagt. Verweerster heeft zich zorgvuldig en betamelijk gedragen met de door haar (en haar cliënte) gekozen wijze van procederen. Verweerster had een gerechtvaardigd belang om, in opdracht van haar cliënte, niet mee te werken aan het verzoek van klaagster om de sloop van de woning van cliënte te melden aan de rechtbank. Het hof oordeelt in tegenstelling tot de raad dat het hier niet gaat om een feit dat verweerster niet voor de rechter had kunnen en mogen verzwijgen, ook al zou dat tegen het belang van haar cliënte ingaan. Klacht in zijn geheel ongegrond. Gedeeltelijke vernietiging van de beslissing van de raad. Bekrachtiging beslissing raad voor het overige.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:241 Hof van Discipline 's Gravenhage 240014

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Klager verwijt verweerster obstructie te hebben gepleegd in de voortgang van het opstellen van een ouderschapsplan. De raad heeft de klacht gegrond verklaard en kort gezegd overwogen dat verweerster zich te star heeft opgesteld en onvoldoende inspanningen heeft verricht om uit de ontstane impasse te geraken, hetgeen haar tuchtrechtelijk valt te verwijten. Het hof volgt de raad niet en is van oordeel dat verweerster met inachtneming van de voor de advocatuur essentiële kernwaarde partijdigheid, de grenzen van de aan haar als advocaat van de wederpartij toekomende vrijheid niet heeft overschreden. In het kader van de partijdigheid van verweerster was het niet haar taak om, zoals de raad dat formuleert, als “buffer” op te treden tussen haar cliënte en klager. Ook kan niet worden verwacht van verweerster dat zij zelf – zonder toestemming van haar eigen cliënte, welke toestemming haar cliënte expliciet niet gaf – met klager zou bellen, dan wel een gesprek zonder aanwezigheid van haar cliënte met hem zou voeren. Het hof merkt daarbij op dat zelfs als daar wel toestemming van de cliënt voor zou zijn, het een eigen afweging van de advocaat is om hier al dan niet toe over te gaan. Het hof onderkent dat de advocaat de verplichting heeft om zoveel mogelijk op zoek te gaan naar een buitengerechtelijke oplossing, omdat een regeling in der minne veelal de voorkeur verdient boven een proces. Dit neemt echter niet weg dat de advocaat partijdig is en blijft. Het zoeken naar een buitengerechtelijke oplossing gaat niet zo ver dat de advocaat moet functioneren als buffer tussen partijen. De partijdigheid van de advocaat komt op de eerste plaats. Beroep van verweerster is gegrond. Vernietiging raadsbeslissing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:242 Hof van Discipline 's Gravenhage 240043

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Het hof ziet op basis van het onderzoek in hoger beroep geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht van klager te komen dan de raad. Het hof sluit zich aan bij de beslissing van de raad en neemt die over. Daaraan voegt het hof toe dat er geen aanleiding is tot het gelasten van een getuigenverhoor, zoals door klager verzocht. Dit draagt niet bij aan een beter begrip van de voor de beoordeling van deze zaak relevante feiten. Ten aanzien van de overige verzoeken van klager (rechtsoverweging 5.8) overweegt het hof dat het tuchtrecht daar geen ruimte voor biedt. Beroep ongegrond. Bekrachtiging raadbeslissing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:243 Hof van Discipline 's Gravenhage 230339

    Klacht over eigen advocaat. Klager verwijt verweerster onder meer dat zij haar werkzaamheden voor klager te laat (te kort voor de termijn om cassatiemiddelen in te dienen) heeft afgerond, dat zij een onjuist en ondeugdelijk cassatieadvies heeft afgegeven, dat zij na het afgeven van het negatieve advies geen, dan wel onvoldoende overleg met klager heeft gehad en dat zij heeft geweigerd een uitstelverzoek voor het indienen van de cassatiemiddelen bij de Hoge Raad in te dienen. De raad heeft de klachtonderdelen van klager ongegrond verklaard. Uit het beroepschrift van klager kan weliswaar worden afgeleid dat hij tijdig een beroepsgrond tegen het feitencomplex van de beslissing van de raad heeft ingediend, maar hij heeft deze beroepsgrond niet onderbouwd in het beroepschrift. Als onvoldoende onderbouwd slaagt het beroep niet. Het hof is het voor het overige eens met de beslissing van de raad. Bekrachtiging raadbeslissing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:244 Hof van Discipline 's Gravenhage 230374

    Het gaat in deze zaak om een klacht tegen de advocaat van de wederpartij. Klager legt nieuwe verwijten aan zijn klacht ten grondslag. Het hof verklaart klager in zoverre niet-ontvankelijk in zijn beroep tegen de beslissing van de raad. Ten aanzien van de overige klachtonderdelen waartegen beroep is ingesteld, te weten het rechtsreeks benaderen van klager en het rauwelijks starten van gerechtelijke procedures, bekrachtigt het hof het oordeel van de raad, inhoudende ongegrond verklaring.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:245 Hof van Discipline 's Gravenhage 240061D

    De raad heeft het dekenbezwaar tegen verweerder gegrond verklaard en hem de maatregel van schrapping opgelegd, omdat verweerder (onder meer) onbereikbaar was voor de deken en voor cliënten, met de deken gemaakte afspraken niet nakwam en zich aan het toezicht van de deken onttrok. Verweerder is in hoger beroep gekomen met het verzoek aan het hof om hem niet de meest ingrijpende maatregel op te leggen. Het hof is van mening dat voortzetting van de praktijk van verweerder niet verantwoord is en bekrachtigt de uitspraak van de raad bij vervroeging.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:246 Hof van Discipline 's Gravenhage 240031

    In deze zaak is aan de orde of verweerder klager voldoende heeft geïnformeerd over zijn recht op gefinancierde rechtsbijstand. Daarnaast verwijt klager verweerder dat hij bij aanvang van de opdracht geen inschatting heeft gegeven van de te verwachten kosten en hem ondanks zijn verzoek daartoe het dossier niet heeft toegezonden. Het beroep tegen de beslissing van de raad inzake de laatste twee klachtonderdelen wordt ongegrond verklaard. Het beroep tegen de beslissing van de raad inzake de eerste klacht slaagt. Aan verweerder wordt (alsnog) de maatregel van een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:247 Hof van Discipline 's Gravenhage 230274

    Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad verkort.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:248 Hof van Discipline 's Gravenhage 230390

    Klacht over eigen advocaat. Klagers zijn als groep één van de deelnemers geweest aan het gebiedsontwikkelingsproject “Oosterwold” van de gemeente Almere. De gemeente heeft op 4 januari 2019 de grondprijs van het project verhoogd. De gemeente heeft daarbij voor deelnemers die al vóór 4 januari 2019 met de gemeente een intentieovereenkomst hadden getekend een coulanceregeling gehanteerd op basis waarvan die deelnemers aanspraak konden maken op de oude grondprijs. Klagers stellen dat zij door vertraging van de kant van de gemeente pas ná januari 2019 hun intentieovereenkomst hebben kunnen tekenen waardoor zij geen aanspraak konden maken op de lagere grondprijs. Volgens klagers is verweerder tekortgeschoten in zijn zorgplicht jegens klagers en in zijn advisering. Klagers verwijten verweerder – voor zover in hoger beroep bij het hof nog van belang - dat hij klagers niet heeft afgeraden om op 30 januari 2020 de koopovereenkomst met de gemeente met daarin de hogere grondprijs – zonder enig voorbehoud – te ondertekenen en hen te adviseren een kort gedingprocedure tegen de gemeente te voeren terwijl dit kansloos was. Daarnaast verwijten klagers verweerder dat hij meerwerk heeft gefactureerd terwijl er een fixed-fee was afgesproken en dat hij in zijn communicatie hierover een indringende toonzetting heeft gebezigd. Het hof is anders dan de raad van oordeel dat verweerder niet is tekortgeschoten in zijn advisering. Het oordeel van de raad dat verweerder wel financieel onzorgvuldig heeft gehandeld en onzorgvuldig hierover heeft gecommuniceerd blijft wel in stand. Gelet op de bijzondere omstandigheden in dit geval, ziet het hof aanleiding om te volstaan met de maatregel van waarschuwing.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:10 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/84

    Kat. Dierenarts treft het verwijt dat zij zelf, zonder overleg met klaagster, de keuze heeft gemaakt om de zieke kat van klaagster niet te verwijzen naar een kliniek waar 24 uurs zorg kon worden geboden. Volgt waarschuwing.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:11 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/83 2022/94 2022/95

    Hond. Klacht tegen drie dierenartsen, die er op neerkomt dat zij met betrekking tot een hond qua onderzoek, diagnosestelling en (medicamenteuze) behandeling onjuist hebben gehandeld, met name waar het betreft het langdurig gebruik van Carprodyl. Klacht tegen twee dierenartsen gegrond met waarschuwing. Klacht tegen de derde dierenarts ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:12 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/91

    Paard. Dierenarts wordt verweten de urgentie van de klachten van een paard niet te hebben onderkend, waardoor het te lang heeft geduurd voordat het paard is onderzocht. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:13 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/93

    Hond. Klacht over het vermeend nalatig handelen van een dierenarts met betrekking tot de euthanasie van een hond. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:14 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/44

    Hond. Diverse verwijten met betrekking tot een door een dierenarts bij een hond uitgevoerde gebitsbehandeling. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:15 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/45

    Hond. Klacht tegen een paraveterinair met betrekking tot een bij een hond uitgevoerde gebitsbehandeling. De paraveterinair heeft haar bevoegdheden overschreden door zonder overleg met de dierenarts te beslissen dat de hond niet op controle hoefde te komen. Daarnaast had zij aan de dierenarts moeten doorgeven dat de hond eerder niet goed op een narcose had gereageerd. Volgt waarschuwing.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:16 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2022/88 2022/89 2022/90

    Paard. Drie dierenartsen wordt verweten dat zij nalatig hebben gehandeld met betrekking tot een operatieve ingreep aan het linker voorbeen van een paard en ten aanzien van het recovery- en nazorgtraject. Klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2024:17 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2024/4

    Hond. Dierenarts wordt onder meer verweten de ernst van de gezondheidsklachten van een chihuahua verkeerd te hebben ingeschat waardoor de hond onnodig heeft geleden. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2024:100 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/744734 / DW RK 24/24 LvB/WdJ

    Beslissing op verzet ongegrond. Niet gebleken en onvoldoende aannemelijk gemaakt is dat de gerechtsdeurwaarder de kantonrechter opzettelijk heeft misleid.

  • ECLI:NL:TGDKG:2024:101 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/738614 / DW RK 23/302 LvB/WdJ

    Eerste aanmaning verzonden naar oude adres klager is niet tuchtrechtelijk laakbaar. Aanmaning na dagvaarding is tevens per e-mail verzonden aan klager. De gerechtsdeurwaarders kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt door, na het vervallen van de betalingsregeling, executiemaatregelen aan te kondigen. Klacht ongegrond.