Zoekresultaten 1-50 van de 147 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2024:15 Accountantskamer Zwolle 23/2277 Wtra AK

    De klacht is gedeeltelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk ongegrond. Betrokkene is werkzaam als medebestuurder van een STAK. Klaagster is ook medebestuurder van de STAK en enig certificaathoudster. Klaagster heeft eerder een tuchtklacht ingediend tegen betrokkene en haar dochter heeft dat ook gedaan. Klaagster verwijt betrokkene in deze klacht dat hij vanaf 2021 geen administratie voor de STAK heeft gevoerd en dat hij heeft geweigerd om informatie aan klaagster te verstrekken. Daarnaast verwijt klaagster hem dat hij de kosten van eerdere juridische procedures, waaronder de twee tuchtprocedures, bij de STAK heeft gedeclareerd en dat hij geen maatregelen heeft genomen om de problemen met betrekking tot deze en andere declaraties op te lossen. Naar het oordeel van de Accountantskamer heeft betrokkene wel een administratie voor de STAK gevoerd en kan niet worden geconcludeerd dat hij klaagster onvoldoende van informatie heeft voorzien. Dat betrokkene de kosten van de tweede tuchtprocedure heeft gedeclareerd is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Hetzelfde geldt voor het niet nemen van maatregelen met betrekking tot andere declaraties, omdat daarvoor geen aanleiding bestond. De klacht is in zoverre ongegrond. De klacht is voor het overige niet-ontvankelijk, omdat in de eerste en tweede klachtprocedure al is geklaagd over de kosten van de andere juridische procedures, waaronder de eerste tuchtprocedure.

  • ECLI:NL:TACAKN:2024:16 Accountantskamer Zwolle 23/2298 Wtra AK

    De klacht is gedeeltelijk gegrond. Betrokkene krijgt de maatregel van waarschuwing opgelegd. Betrokkene heeft een goedkeurende verklaring afgegeven bij de jaarrekening [jaartal1] van een leasemaatschappij. Het bestuur van de leasemaatschappij is bij het opstellen van deze jaarrekening ervan uitgegaan dat de onderneming haar bedrijfsactiviteiten zal voortzetten. Volgens klager heeft betrokkene onvoldoende onderzoek gedaan naar deze continuïteitsveronderstelling. Daarnaast verwijt klager betrokkene dat er een rubriceringsfout staat in de gepubliceerde jaarrekening [jaartal1] van de leasemaatschappij, omdat een deel van de obligatieleningen staat vermeld onder schulden aan de bank. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene wel voldoende onderzoek heeft gedaan naar de continuïteitsveronderstelling. Maar betrokkene heeft zijn zorgplicht met betrekking tot de door de onderneming gepubliceerde jaarrekening, die een fout bevat en waarbij zijn controleverklaring is gevoegd, niet nageleefd.

  • ECLI:NL:TACAKN:2024:17 Accountantskamer Zwolle 23/1522 Wtra AK

    Ongegronde klacht. Betrokkene heeft een goedkeurende verklaring afgegeven bij de jaarrekening 2022 van een stichting. Volgens klager heeft betrokkene bij haar controlewerkzaamheden ten onrechte geen toepassing gegeven aan de Wet normering topinkomens (WNT) en heeft zij ten onrechte het ANBI-formulier van de stichting niet gecontroleerd. De Accountantskamer is van oordeel dat de WNT in 2022 nog niet van toepassing was op de stichting. De stichting is namelijk in 2020 opgericht, waardoor deze in 2022 nog geen drie jaar achtereen subsidies had ontvangen. Er is niet gebleken dat sprake is van een (voor de WNT relevante) rechtsvoorganger. Ook was betrokkene niet verplicht om het ANBI-formulier te controleren.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2024:100 Raad van Discipline Amsterdam 24-279/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk niet-ontvankelijk en kennelijk ongegrond. Ten aanzien van klachtonderdeel a) heeft klager deels geen rechtstreeks belang. Voor het overige valt niet in te zien op welke wijze de uitlatingen onnodig grievend zouden kunnen zijn voor klager. Klachtonderdeel a) is daarom deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond. Daarnaast is niet gebleken dat verweerster onwaarheden zou hebben verkondigd. Klachtonderdeel b) is daarom kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2024:101 Raad van Discipline Amsterdam 24-283/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in een familierechtzaak; klacht is kennelijk ongegrond. Verweerster heeft de zaak behandeld op grond van het feitenmateriaal dat haar cliënte haar had verstrekt. Van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen is geen sprake.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2024:102 Raad van Discipline Amsterdam 24-307/A/NH 24-308/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in beide klachtonderdelen kennelijk ongegrond. Verweerder mocht afgaan op de door zijn cliënt aan hem verstrekte informatie, er bestond geen aanleiding om aan de juistheid hiervan te twijfelen. Verweerder mocht daarnaast een verzoek tot faillietverklaring aankondigen, gelet op de hem als advocaat van de wederpartij toekomende vrijheid.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2024:103 Raad van Discipline Amsterdam 24-309/A/A 24-311/A/A

    Voorzittersbeslissing. Verweerders hebben met hun handelen het vertrouwen in de advocatuur niet geschaad, noch is er gebleken van het door hen handelen of nalaten dat een behoorlijk advocaat niet betaamd. De klacht is daarom in beide klachtonderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2024:98 Raad van Discipline Amsterdam 24-015/A/A

    Verzet. De raad verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2024:99 Raad van Discipline Amsterdam 24-133/A/A

    Raadsbeslissing. Verweerder heeft in strijd met gedragsregel 15 gehandeld door op te treden tegen een voormalig cliënte. Van de in gedragsregel 15 lid 3 genoemde uitzonderingsvoorwaarden wordt niet voldaan. De klacht is daarom gegrond. Aan verweerder wordt de maatregel van een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:148 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-246/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. De klacht over de advocaat van de wederpartij wordt kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:149 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-748/AL/MN

    klacht over de advocaat van de wederpartij. Dat verweerder de dagvaarding van klager aan de krant heeft gelekt (nog voordat deze aan klager was betekend) is tegenover de betwisting daarvan door verweerder niet komen vast te staan. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder met de gewraakte uitlatingen in de krant de belangen van klager nodeloos en onevenredig geschaad. Juist omdat klager een publiek ambt bekleedt, had verweerder meer terughoudendheid moeten betrachten. De raad kan niet vaststellen dat verweerder feitelijke onwaarheden aan de krant heeft verteld. Verweerder heeft naar het oordeel van de raad echter welbewust tijdens een zitting onjuiste informatie aan het gerechtshof verstrekt met de intentie om klager in een kwaad daglicht te plaatsen en het gerechtshof te misleiden. Daarmee heeft verweerder in strijd met de kernwaarde integriteit gehandeld. De raad legt aan verweerder de maatregel van berisping op.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:150 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-775/AL/MN

    klacht over beroepsgenoot. Verweerder heeft zich feitelijk onjuist en onnodig grievend over klager uitgelaten in de krant hetgeen hem tuchtrechtelijk door de raad wordt verweten. Een advocaat kan persaandacht voor een zaak zoeken. Dat verweerder daarbij de betamelijkheidsgrenzen heeft overschreden, is de raad niet gebleken. De in de uitspraak genoemde specifieke omstandigheden rechtvaardigen de keuze van verweerder om de gewraakte uitlatingen in de krant niet te rectificeren. De raad legt aan verweerder een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:151 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-838/AL/OV

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:152 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-851/AL/NN

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:153 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-852/AL/NN

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:154 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-042/AL/MN

    Verweerder heeft ervoor gekozen om geen enkel stuk uit het strafdossier aan klager te verstrekken maar daarvan in briefvorm een samenvatting te geven. De raad is gebleken dat verweerder bij het maken van deze keuze het belang van klager heeft vooropgesteld door klager gezien zijn persoonlijke problematiek daarmee tegen zichzelf in bescherming te (willen) nemen. Dat sprake was van een risico op herhaling door klager van op de persoon gerichte bedreigende acties is gezien de eerdere gelijksoortige veroordelingen van klager voor de raad aannemelijk. Verweerder heeft daarnaast met zijn keuze ook de belangen van de in het strafdossier genoemde personen tegen acties van klager beschermd en aldus een zorgvuldige afweging gemaakt. Klager heeft zich tegen deze werkwijze van verweerder ook niet verzet. Pas na het verstrijken van de hoger beroep termijn heeft klager bij verweerder zijn strafdossier opgevraagd. Naar het oordeel van de raad mocht verweerder toen weigeren, mede gelet op de omstandigheden zoals hiervoor vermeld, om het strafdossier alsnog aan klager af te geven. Verweerder heeft de belangen van klager op zorgvuldige wijze behartigd. Daarmee oordeelt de raad alle klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:155 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-299/AL/OV

    Voorzittersbeslissing. Klacht over voormalig eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Het is niet gebleken dat verweerder onvoldoende kennis van zaken heeft om klager in hoger beroep te kunnen bijstaan. Er kan op grond van het klachtdossier ook niet worden vastgesteld dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Het feit dat klager geld aan zijn wederpartij verschuldigd is, vloeit voort uit de rechtsverhouding die bestaat tussen klager en zijn wederpartij en de afspraken die daaraan ten grondslag liggen. Dat klager negatieve gevolgen ervaart van die afspraken is niet het gevolg van de bijstand van verweerder in het hoger beroep. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:156 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-323/AL/MN

    Voorzittersbeslissing over een klacht over de advocaat van de wederpartij. Het stond verweerster naar het oordeel van de voorzitter vrij om af te gaan op hetgeen haar cliënt haar had verteld over de vermeende incidenten tijdens de uitvoering van de zorgregeling en over de aangifte van stalking door zijn toenmalige partner tegen klaagster en partner en dit in haar processtukken op te nemen. Dat er toen meteen al een aanleiding voor verweerster was om naar de door haar cliënt geschetste feitelijke gang van zaken zelf onderzoek te doen, zoals klaagster stelt, is de voorzitter niet gebleken. Concrete feiten die dat onderbouwen, zijn niet door klaagster gesteld. 4.4 Dat verweerster met haar woordgebruik in de processtukken zich onnodig grievend heeft uitgelaten over klaagster of de belangen van klaagster anderszins onnodig of onevenredig heeft geschaad, is de voorzitter uit de stukken verder niet gebleken. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:157 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-263/AL/NN

    De voorzitter verklaart een klacht over het handelen van de deken kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:158 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-160/AL/NN/D

    Gegrond dekenbezwaar. Schending kernwaarde integriteit. De Raad voor Rechtsbijstand heeft geld voor toevoegingen die verweerder inmiddels in loondienst aanvroeg ten onrechte betaald op een bankrekeningnummer van de eenmanszaak van verweerder. Verweerder heeft geld bestemd voor zijn werkgever naar een eigen spaarrekening gestort en heeft over deze gang van zaken onjuiste verklaringen bij zijn werkgever afgelegd. Voor het handelen van verweerder bestaat op geen enkele wijze een rechtvaardiging. Onvoorwaardelijke schorsing van 52 weken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:159 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-100/AL/NN

    Klacht advocaat wederpartij ongegrond. De omstandigheid dat een advocaat financiële stukken aanneemt op naam van de echtgenote van haar cliënt is in het algemeen niet klachtwaardig.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:160 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-175/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:161 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-235/AL/GLD

    Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:162 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-697/AL/NN

    De klachten tegen de eigen advocaat zijn gegrond. Verweerster erkent dat zij klaagster niet heeft geïnformeerd over wat de eisvermeerdering in hoger beroep van € 65.000,- naar (afgerond) € 465.000,- betekent voor een (mogelijke) proceskostenveroordeling. Verweerster stelt dat zij de processtrategie met bijbehorende risico’s zorgvuldig met klaagster heeft afgestemd wat betreft de koerswijziging in hoger beroep en het instellen van een procedure tegen de architect, maar erkent dat zij dat niet schriftelijk heeft bevestigd. Ook heeft verweerster haar stelling, die klaagster betwist, onvoldoende weten te onderbouwen. Verder is niet gebleken dat verweerster klaagster, die een rechtsbijstandverzekering had, rechtstreeks en tijdig heeft geïnformeerd over het verloop van de kosten en evenmin dat verweerster klaagster rechtstreeks en tijdig heeft gewaarschuwd voor mogelijke overschrijding van het maximum van het voor klaagster ter beschikking gestelde bedrag. De kernwaarden deskundigheid en financiële integriteit zijn in meerdere opzichten geschonden. Onvoorwaardelijke schorsing van 26 weken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:163 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 23-774/AL/GLD 23-776/AL/GLD 23-777/AL/GLD

    De raad verklaart het verzet tegen de voorzittersbeslissing ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:164 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-273/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2024:165 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-274/AL/NN

    voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over een eigen advocaat kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:107 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-370/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:108 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-688/DH/OB

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:109 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-006/DH/RO

    Verweerder heeft in een familierechtelijk geschil over zorg en omgang na betwisting opnieuw niet onderbouwde en feitelijk onjuiste stellingen ingenomen over klager. Verweerder heeft zich verder te veel vereenzelvigd met zijn cliënte en onvoldoende rekening gehouden met de gerechtvaardigde belangen van klager en de minderjarige zoon. Handelen in strijd met kernwaarde onafhankelijkheid. Mede gelet op tuchtrechtelijk verleden een voorwaardelijke schorsing van twee weken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:110 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-106/DH/DH 24-120/DH/DH/D

    Klachtzaak en samenhangend dekenbezwaar gegrond. Verweerder heeft zich in zijn correspondentie met een kwetsbare cliënt (seksueel) grensoverschrijdend gedragen. Verweerder heeft kennelijk geprobeerd een affectieve en/of seksuele relatie met klaagster aan te gaan. Hij is daarbij uit het oog verloren dat daar in de advocaat-cliënt relatie zeer terughoudend en prudent mee moet worden omgegaan, te meer in het geval van een kwetsbare cliënt. Verweerder heeft kennelijk geprobeerd een affectieve en/of seksuele relatie met klaagster aan te gaan. Hij is daarbij uit het oog verloren dat daar in de advocaat-cliënt relatie zeer terughoudend en prudent mee moet worden omgegaan, te meer in het geval van een kwetsbare cliënt. De raad gaat ervan uit dat deze zeer ernstige fout eenmalig is, waarom wordt volstaan met een stok achter de deur. Vier weken schorsing voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:111 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-158/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een contractueel geschil deels niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond vanwege gebrek aan onderbouwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:112 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-266/DH/DH/TUL

    Afwijzing vordering ex artikel 48e Advocatenwet (tenuitvoerlegging). Verweerder heeft tijdens de proeftijd de algemene voorwaarde overtreden. De raad is echter van oordeel dat verweerder een allerlaatste kans moet worden geboden. Tenuitvoerlegging op dit moment niet proportioneel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:113 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-232/DH/GLD

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerder mocht namens zijn cliënt het standpunt innemen dat klager nog zittend werk kon verrichten, zeker nu hij dit heeft kunnen onderbouwen met de conclusie in meerdere medische onderzoeken. Verweerder kan niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden dat zijn cliënt geen voorschot wilde verlenen. Ook mocht verweerder contact zoeken met mogelijke getuigen in de zaak. Niet vastgesteld kan worden dat verweerder vertrouwelijke medische informatie heeft gedeeld. Verweerder heeft niet in strijd met de AVG gehandeld. Niet kan worden vastgesteld dat verweerder tegen de rechter heeft gelogen of dat hij niet voor minnelijk overleg openstond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:114 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-244/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij. Verweerder mocht namens zijn cliënt(en) standpunten ter zake de afwijzing van aansprakelijkheid innemen. Het is niet aan de tuchtrechter welk aansprakelijkheidsstandpunt juist is, maar dat is aan de civiele rechter. Dat verweerders standpunt andersluidend is dan dat van klager betekent niet dat geconcludeerd kan worden dat verweerder dus liegt. Het is de voorzitter niet gebleken dat verweerder bewust onwaarheden zou hebben verkondigd. Verweerder was niet verplicht om de gegevens van zijn cliënt (een beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar) te verstrekken aan klager en heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld bij het afwijzen van de aansprakelijkstelling. Klacht in zoverre kennelijk ongegrond. Klager heeft geen belang meer bij zijn klacht over het niet verstrekken van de gegevens van verweerders eigen beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar, omdat de gegevens al zijn verstrekt. Klacht in zoverre kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:115 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-660/DH/DH

    Verzet gegrond. Klacht alsnog ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:116 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-844/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Hoewel de raad uit het dossier ook opmaakt dat verweerder zijn standpunt over de slagingskans van de zaak meerdere keren, soms kort na elkaar, heeft gewijzigd, is dat op zichzelf onvoldoende om tot een gegrond tuchtrechtelijk verwijt te komen. Verweerder heeft de zaak mogen neerleggen toen hij de zaak kansloos achtte. Dat hij vervolgens twee alternatieven heeft voorgesteld om klaagster tegemoet te komen, die beide niet hebben geleid tot het gewenste resultaat, maakt zijn handelen niet onbetamelijk. Evenmin heeft verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door documenten op te vragen die hij al had ontvangen, maar over het hoofd heeft gezien. Tot slot komt aan verweerder de vrijheid toe om met klaagsters vorige advocaat en met de wederpartij contact op te nemen. Niet gebleken is dat verweerder daarmee klaagsters positie heeft benadeeld. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:117 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-081/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een bestuursrechtelijke procedure. Gedragsregel 21 is niet van toepassing, omdat klager niet werd bijgestaan door een advocaat. Geen sprake van een schending van gedragsregel 20 of het beginsel van fair play. Verweerder heeft zijn verweerschrift binnen twee weken na aanvang van de procedure ingediend. Hij heeft er bij het indienen van zijn verweerschrift geen rekening mee hoeven houden dat de griffie van de rechtbank het verweerschrift pas anderhalve maand later zou doorsturen. Bovendien is niet gebleken dat klager daadwerkelijk is benadeeld door het late ontvangen van het verweerschrift. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:118 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-143/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. De voorzitter ziet – na een verzoek daartoe van klaagster – geen aanleiding om het dekenbezwaar uit het dossier te verwijderen. Verweerder heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klaagster te beschuldigen van valsheid in geschrifte. Er is voorafgaand aan die beschuldiging onderzoek gedaan bij de oorspronkelijke auteur. Evenmin is tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klaagster te beschuldigen van het schenden van haar zorgplicht, te beschuldigen van het opzettelijk misbruiken van de positie van overheidsinstanties ten opzichte van verweerders cliënt. of klaagster te sommeren om een rectificatie te sturen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:119 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-243/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over bijstand van de advocaat bij een geschil met een onderwijsinstelling in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Dat klaagster achteraf bezien onkennelijk ongelukkig is met een passage in het bezwaarschrift, betekent niet dat verweerder een verwijt valt te maken. De klacht is verder niet of onvoldoende onderbouwd.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:120 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-816/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:121 Raad van Discipline 's-Gravenhage 23-839/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:122 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-067/DH/DH

    Verweerster heeft een e-mail aan klagers advocaat in cc aan klager gestuurd. Zij heeft klager op deze manier rechtstreeks benaderd, terwijl hij werd bijgestaan door een advocaat. Verweerster heeft daarmee gehandeld in strijd met gedragsregel 25 en klagers belangen geschaad. Van het door verweerster delen van schikkingsonderhandelingen is geen sprake. De raad ziet in de aard en de ernst van de overtreding in combinatie met de bijzondere omstandigheden van dit geval aanleiding af te zien van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:123 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-129/DH/DH

    Klacht over inzet deurwaarder. Hoewel duidelijk is dat verweerder een fout heeft gemaakt, is geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Klager heeft een deurwaarder aan de deur gehad terwijl dat niet had gemoeten, maar dit heeft verder geen (financiële) gevolgen voor hem gehad. Ook in de verdere afhandeling van de kwestie heeft verweerder niet klachtwaardig gehandeld.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2024:124 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-333/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Het stond verweerster vrij om namens de verhuurder een tegenvordering in te stellen en om die met overlastmeldingen te onderbouwen. Het feit dat de kantonrechter de tegenvordering van de verhuurder heeft afgewezen, betekent niet dat verweerster die vordering niet heeft mogen instellen. Ook heeft verweerster af mogen gaan op de juistheid van de informatie die zij van de verhuurder had ontvangen. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:78 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-302/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerster mocht betwisten dat klaagster ongeneeslijk ziek werd en haar levensverwachting nog maar enkele weken zou betreffen. Ook mocht verweerster een standpunt innemen over verjaring. De klacht dat verweerster bewust onwaarheden heeft verkondigd met haar stelling dat ter zitting een voorstel is gedaan, is van onvoldoende feitelijke grondslag voorzien. Verweerster hoefde haar processtuk niet te rectificeren. Verder heeft verweerster niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door niet te reageren op e-mails van klager. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:79 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-048/DB/LI

    Raadbeslissing. Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. Verweerder is tekort geschoten in de bijstand en advisering van klager, heeft onvoldoende voortvarendheid betracht en heeft onvoldoende gecommuniceerd. Aldus heeft verweerder niet gehandeld met de zorgvuldigheid die van een redelijk bekwame en redelijk handelende advocaat in de gegeven omstandigheden mag worden verwacht. Gelet op de ernst van het aan verweerder gemaakte tuchtrechtelijk verwijt en zijn antecedentenlijst ziet de raad het beeld van een advocaat die blijk geeft zich onvoldoende bewust te zijn van voor de advocatuur elementaire beginselen en regelgeving en die zich onvoldoende rekenschap geeft van de belangen die daarmee worden gediend. Verweerder heeft zijn kerntaak als rechtsbijstandsverlener ernstig veronachtzaamd. Zowel bij gelegenheid van het onderzoek naar de klacht door de deken als in de procedure bij de raad heeft verweerder er echter geen blijk van gegeven inzicht te hebben in het kwalijke van zijn handelen. De raad heeft ook, gezien de opstelling van verweerder, grote zorgen over een goede belangenbehartiging van toekomstige cliënten van verweerder. De raad is van oordeel dat het niet verantwoord is dat verweerder de praktijk als advocaat nog langer uitoefent. Gelet op alle feiten en omstandigheden is de raad van oordeel dat de maatregel van schrapping van het tableau de enige passende maatregel voor verweerder is.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:80 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 23-837/DB/OV

    Verzet. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:81 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 23-881/DB/LI

    Verzet. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2024:82 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-028/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Familiezaak. Niet gebleken dat verweerder onvoldoende de-escalerend heeft opgetreden, noch dat hij onnodige grievende uitlatingen heeft gedaan of onjuiste en onvolledige informatie heeft verstrekt aan de betrokken rechters. Ongegrond.