Zoekresultaten 21-40 van de 5650 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:163 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3145
- Datum publicatie: 06-08-2026
- Datum uitspraak: 24-06-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:163
Klacht tegen een psychiater. In opdracht van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (hierna: CBR) verrichtte de psychiater medisch en psychiatrisch onderzoek naar de rijgeschiktheid van klager. In zijn rapportage overwoog de psychiater dat er aanwijzingen waren gevonden tot het stellen van de diagnose alcoholmisbruik. Om die reden adviseerde hij het CBR om klager ongeschikt te verklaren. Het rijbewijs van klager werd door het CBR vervolgens niet verlengd. Klager verwijt de psychiater onzorgvuldig en ondeskundig onderzoek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:255 Hof van Discipline 's Gravenhage 260295
- Datum publicatie: 06-08-2026
- Datum uitspraak: 06-08-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:255
Afwijzing verzoek tot verwijzing op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. Het klachtrecht is niet bedoeld om te klagen over procedurele beslissingen die een deken tijdens het klachtonderzoek neemt (zoals het doorgeven van reactiemogelijkheden en termijnen aan partijen). Klager kan, na afronding van het klachtonderzoek door de deken en na betaling van het griffierecht, zijn klacht over mr. S laten toetsen door de raad van discipline. Binnen de kaders van die procedure kan klager al zijn bezwaren over het klachtonderzoek door de deken en de daarin door de deken genomen procedurele beslissingen onder de aandacht van de raad van discipline brengen. Daarom zal de voorzitter de klacht over de deken niet verwijzen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:164 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3298
- Datum publicatie: 06-08-2026
- Datum uitspraak: 31-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:164
Voorzittersbeslissing. Klaagster verwijt de huisarts dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden door medische informatie van andere patiënten met haar te delen en dat hij daarnaast de eed van Hippocrates heeft geschonden door de met klaagster gemaakte afspraak voor na zijn pensioen te ontkennen en door na zijn pensioen niet meer de moeite te nemen om met klaagster in gesprek te gaan.Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard voor wat betreft de klacht over het delen van medische informatie van andere patiënten, en de klacht voor het overige kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege is het daarmee eens. Zij is van oordeel dat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van het Regionaal Tuchtcollege en zal het beroep afwijzen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:256 Hof van Discipline 's Gravenhage 260300
- Datum publicatie: 06-08-2026
- Datum uitspraak: 06-08-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:256
Op grond van het bepaalde in artikel 46c lid 5 Advocatenwet dient een klacht tegen een deken in beginsel te worden verwezen naar een deken van een andere orde. De voorzitter zal hiertoe echter niet beslissen en licht dit als volgt toe. De klacht van klager over verweerder heeft betrekking op het dekenaal onderzoek dat verweerder heeft uitgevoerd naar aanleiding van de tuchtklacht die klager over mr. W heeft ingediend. Een klacht over een deken is geen middel om de inhoud van een dekenvisie op een tuchtklacht over een andere advocaat ter discussie te stellen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:165 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3017
- Datum publicatie: 06-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:165
Klacht tegen een huisarts. Klaagster is met een crisismaatregel gedwongen opgenomen nadat de huisarts de crisisdienst had ingeschakeld. Klaagster verwijt de huisarts dat zij lichtvaardig aan de crisisdienst opdracht heeft gegeven om klaagster te laten opnemen, waarbij klaagster in strijd met de uitgangspunten van de Nationale Hoorservice niet haar zienswijze heeft kunnen geven. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:257 Hof van Discipline 's Gravenhage 260318
- Datum publicatie: 06-08-2026
- Datum uitspraak: 06-08-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:257
Klacht over deken niet verwezen. Uit de mail waarin klager zijn klacht over de deken heeft ingediend, kan worden opgemaakt dat klager vindt dat de deken op basis van de door hem aangereikte informatie onderzoek moet doen. Het opvragen van een inventarislijst in reactie op de klacht van klager over mr. van D, is naar het oordeel van de voorzitter geen klachtwaardige reactie van de deken maar een -geoorloofd- verzoek om aanvulling/ verduidelijking van de klacht. Als klager opmerkingen heeft over het dekenonderzoek, dan kan hij deze, na afronding van het dekenale onderzoek en na betaling van het verschuldigde griffierecht, desgewenst voorleggen aan de tuchtrechter. Gelet hierop zal de klacht niet worden doorverwezen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:188 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-012/DH/RO
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:188
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijk geschil. Verweerder is met zijn uitlating (net) over de grens van het toelaatbare gegaan. Hij heeft met deze uitlating het geschil onnodig op de spits gedreven. Bij het opleggen van de maatregel weegt de raad mee dat verweerder niet getuigt van enige (zelf)reflectie. De raad volstaat staat met een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:68 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/770744 DW RK 25/199 BB/SM
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 29-07-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:68
Klacht gegrond. Maatregel: waarschuwing. Van een gerechtsdeurwaarder mag worden verwacht dat hij e-mails en brieven met betrekking tot een bij hem in behandeling zijnde incasso binnen een redelijke termijn van in beginsel twee weken, beantwoordt. Een reactie richting klaagster heeft plaatsgevonden buiten de redelijke termijn die daarvoor staat. Dat de gerechtsdeurwaarder in de betreffende periode kampte met een sterke afname in zijn personeelbestand doet daar niet aan af.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8613
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 05-08-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:139
Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Regiebehandelaar. Moeder van cliënt klaagt onder meer over de behandeling van haar zoon, die later door suïcide is overleden. Opname op Forensisch Psychiatrische Afdeling van GGZ-instelling. Afspraken over vrijheden en verloven. Wijziging van behandel- en beveiligingsafspraken in geval van incidenten. Handelen in overeenstemming met professionele competenties en rol als regiebehandelaar.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:182 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-434/DH/DH
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:182
Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de dienstverlening van de eigen advocaat. Verweerder heeft als dominus litis de keuze kunnen maken om geluidsopnames pas in hoger beroep in te brengen. Niet gebleken dat een grief tardief is aangevoerd door toedoen van verweerder. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:189 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-708/DH/RO
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:189
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:69 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/778857/ DW RK 25/479 BB/SM
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 29-07-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:69
Beslissing op verzet. Niet ontvankelijk. Overschrijding verzettermijn.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:183 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-504/DH/DH
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:183
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8964
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 05-08-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:140
Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Klacht betreft psychodiagnostisch onderzoek dat door een GZ-psycholoog in opleiding onder verantwoordelijkheid van verweerster is gedaan. Klager verwijt verweerster ondeugdelijk onderzoek, met als gevolg onzorgvuldige diagnoses en behandeladvies en onvoldoende supervisie. Deugdelijk en zorgvuldig diagnostisch proces. Diverse onderzoeksmethoden en testonderzoek. Integratief beeld. Het bestaan van tegenstrijdige testresultaten wil niet zeggen dat het onderzoek onjuist is uitgevoerd. Rapportage voldoet aan de eisen. Supervisie conform de geldende richtlijnen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:190 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-872/DH/DH
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:190
Gegrond verzet omdat de deken en de voorzitter uit zijn gegaan van een te beperkte klachtomschrijving. De raad ziet aanleiding om de zaak terug te verwijzen naar de deken voor nader onderzoek.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-505/DH/DH
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:184
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:70 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/777045 / DW RK 25/388 HE/SM
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 29-07-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:70
Beslissing op verzet. Klager beklaagt zich er samengevat over dat de gerechtsdeurwaarder de beslagvrije voet te laag heeft vastgesteld, met als gevolg dat klager in zware problemen is gekomen. Nu de hoogte van de beslagvrije voet geen kwestie is die ter beoordeling van de kamer staat, heeft de kamer overwogen dat het verzet ongegrond dient te worden verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8663
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 05-08-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:141
Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog die ook de regiebehandelaar van patiënte is. Patiënte verwijt de GZ-psycholoog dat zij, ondanks dat klaagster bijwerkingen van de medicatie ervaarde, heeft geweigerd de medicatie aan te passen. GZ-psycholoog is niet bevoegd medicatie voor te schrijven of aan te passen. Als regiebehandelaar heeft zij het verzoek van klaagster terecht aan de artsen en verpleegkundig specialist doorgegeven.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2026:7 Kamer voor het notariaat Amsterdam 780153 / NT RK 25/51
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 26-05-2026
- ECLI:NL:TNORAMS:2026:7
De klacht gaat over de afwikkeling van een nalatenschap en bestaat uit zes klachtonderdelen. De kamer heeft klager niet-ontvankelijk verklaard in de klachtonderdelen één t/m vier vanwege het feit dat de wettelijke driejaarstermijn (artikel 99 lid 21 Wna) ten tijde van het indienen van de klacht (24 november 2025) al verstreken was. Over het vijfde klachtonderdeel heeft de kamer als volgt overwogen. De notaris(klerk) heeft mr. [O] in december 2023 ingeschakeld. De erfgenamen hebben ervoor gekozen ditzelfde te doen op (of rond) 7 maart 2024. Het enkele feit dat mr. [O] gevestigd is in Noord-Brabant, op 150 kilometer afstand van het kantoor van de notaris en in de regio waar de erfgenamen wonen, is onvoldoende om aan te nemen dat er sprake is van partijdig handelen door de notaris(klerk). Dat de erfgenamen er later voor hebben gekozen eveneens mr. [O] in te schakelen, kan de notaris niet worden verweten. De kamer oordeelt dan ook dat de notaris niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en zal dit klachtonderdeel ongegrond verklaren. Over het zesde klachtonderdeel heeft de kamer tot slot het volgende overwogen. De vraag is of de notaris redelijkerwijs tot het passeren van de akte van verdeling mocht overgaan. De kamer beantwoordt deze vraag bevestigend. Voorafgaand aan het passeren van de akte, heeft de notaris zich ervan vergewist alle vragen van klager afdoende te hebben beantwoord en over alle relevante informatie te beschikken. Daarnaast had de notarisklerk op 11 mei 2023, voorafgaand aan het passeren van de akte van verdeling, rekening en verantwoording afgelegd aan de erfgenamen. De kamer is van oordeel dat de notaris op basis van het voorgaande redelijkerwijs tot de conclusie heeft mogen komen dat het geoorloofd was de akte van verdeling te passeren en zal dit klachtonderdeel dan ook ongegrond verklaren.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:185 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-889/DH/RO
- Datum publicatie: 05-08-2026
- Datum uitspraak: 03-08-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:185
Raadsbeslissing. Klacht van de VvE niet ontvankelijk vanwege een ontbrekende machtiging van de vergadering van eigenaars. Klacht van klaagster, die bestuurder was van de VvE, deels niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang en deels ongegrond.