Zoekresultaten 46401-46450 van de 46595 resultaten
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:11 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2014
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:11
Het eerste onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella dient plaats te vinden op de leeftijd (van de leghennen) van minimaal 22 weken en maximaal 26 weken en vervolgens ten minste éénmaal per 15 weken. Dit is op het pluimveebedrijf van betrokkene driemaal te laat uitgevoerd. Betrokkene merkt op dat hij op zijn bedrijf nooit een besmetting heeft meegemaakt en dat het te laat nemen van de monsters niet met opzet is gebeurd. Het Tuchtgerecht oordeelt dat het tijdig uitvoeren van de onderzoeken onderdeel is van de normale bedrijfsvoering, zeker gezien het feit dat betrokkene een zeer groot bedrijf heeft waarvoor hij al 15 jaar verantwoordelijk is. Een mogelijke salmonellabesmetting moet zo spoedig mogelijk geconstateerd kunnen worden, anders is er te veel risico voor de volksgezondheid.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:12 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2314
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:12
Onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella is op het pluimveebedrijf van betrokkene zes maal te laat uitgevoerd. Namens betrokkene is aangevoerd, dat het in de praktijk lastig is dat men bij de vervolgonderzoeken geen marge heeft, vooral omdat er op het bedrijf dieren van drie leeftijden worden gehouden. Ter zitting is de systematiek van de regelgeving door de vertegenwoordiger van het Productschap verduidelijkt; per periode van 15 weken moet de ondernemer een onderzoek doen, het is niet precies op 15 weken. Dat geeft tevens de mogelijkheid de onderzoeken in de drie stallen te combineren. Het Tuchtgerecht oordeelt dat het tijdig uitvoeren van de onderzoeken onderdeel is van de normale bedrijfsvoering, waarbij het de verantwoordelijkheid van de ondernemer is, om zijn medewerker(s) hierin goed te instrueren.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:13 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2414
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:13
Het voorgeschreven vervolgonderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella is uitgevoerd 25 weken en vijf dagen na het vorige onderzoek, in plaats van na maximaal 15 weken. Het is van het grootste belang om, als een salmonellabesmetting zich voordoet, deze zo spoedig mogelijk te constateren. Daarom is een schema afgesproken, vastgelegd in de regelgeving. Hoe meer van dat schema wordt afgeweken, hoe minder zicht er is op de salmonellastatus van de dieren. Tegen die achtergrond bezien heeft het Tuchtgerecht geoordeeld dat hoe langer de periode van overschrijding is, des te ernstiger ook de overtreding is. Dit vertaalt zich in de hoogte van de op te leggen geldboete.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:14 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2514
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:14
De voorgescherven onderzoeken naar de aanwezigheid van Salmonella van alle op het bedrijf aanwezige stalkoppels zijn op het pluimveebedrijf van betrokkene vijf maal te laat uitgevoerd. Blijkens het berechtingsrapport heeft betrokkene aangevoerd dat er iemand is die maandelijks komt controleren en die heeft gezegd dat alles in orde is. Het Tuchtgerecht benadrukt dat – ook als betrokkene taken uitbesteedt aan derden – hij altijd zelf verantwoordelijk blijft voor de gang van zaken op zijn bedrijf en voor het voldoen aan alle regelgeving. Voorts stelt betrokkene in het rapport dat het aantal genoemde dieren in de hokken niet klopt. Nu betrokkene niet ter zitting is verschenen, heeft het Tuchtgerecht een mogelijk inhoudelijk verweer hierop niet in zijn overwegingen kunnen betrekken.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:15 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2714
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:15
Met betrekking tot het koppel met geboortedatum 5 maart 2012 is het voorgeschreven eerste onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella uitgevoerd op 9 oktober 2012, toen de dieren al een leeftijd hadden bereikt van 31 weken. Het eerste onderzoek dient plaats te vinden op de leeftijd van minimaal 22 weken en maximaal 26 weken. Voor de overtreding wordt een tuchtrechtelijke maatregel opgelegd.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:16 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2814
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:16
Nagelaten is om het pluimveebedrijf ten minste één maal in 2012 op eigen kosten te laten controleren door een een erkende controle-instantie (de zgn. Actieplancontrole). De jaarlijkse controle maakt onder meer duidelijk of een ondernemer de verplichte monsternemingen en analyses met betrekking tot Salmonella en Campylobacter uitvoert dan wel laat uitvoeren. Er wordt een voorwaardelijke geldboete opgelegd.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:17 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2914
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:17
Op het pluimveebedrijf van betrokkene is het voorgeschreven Salmonellaonderzoek drie maal te laat uitgevoerd. Betrokkene voert aan dat het op zijn bedrijf, waar ook bloembollen worden geteeld, vaak druk is en dat de monstername voor Salmonella bij de kippen in de chaos wel eens te vroeg of te laat gebeurt. Het Tuchtgerecht oordeelt dat het van groot belang is dat de onderzoeken binnen de daarvoor bepaalde tijd worden uitgevoerd en onderstreept daarbij het belang van discipline en verantwoordelijkheid van de ondernemer. Het tijdig nemen van de Salmonellamonsters is onderdeel van de normale bedrijfsvoering, met name gezien het belang een mogelijke salmonellabesmetting zo spoedig mogelijk te kunnen constateren.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:18 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE3014
- Datum publicatie: 31-07-2014
- Datum uitspraak: 31-07-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:18
Nadat op het bedrijf van betrokkene een besmetting met Salmonella Enteritidis was vastgesteld, is dit niet binnen één werkdag gemeld aan de voorzitter van het Productschap, noch aan de slachterij waaraan het betreffende koppel werd geleverd. Betrokkene voert aan dat hij niet levert aan een slachterij maar aan een tussenpersoon. Daaraan heeft hij wel gemeld. In overleg met deze afnemer heeft hij nieuwe monsters genomen. Hoewel het niet mogelijk is om een her-bemonstering uit te voeren, heeft betrokkene naar het oordeel van het Tuchtgerecht hiermee wel zorgvuldig gehandeld. Dat neemt niet weg dat hij – na de eerste positieve uitslag – had moeten melden, niet alleen aan zijn afnemer maar ook aan het Productschap. Voor dit laatste wordt een boete opgelegd, een deel daarvan voorwaardelijk.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:19 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE3414
- Datum publicatie: 31-07-2014
- Datum uitspraak: 31-07-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:19
Op een leeftijd van 22 weken werden in stal 3 van het bedrijf van betrokkene 14.630 vleeskuikenouderdieren gehouden op een vloeroppervlakte van omgerekend 1.101 cm2 per dier, in plaats van ten minste 1.300 cm2 per dier. Naast het sanctioneren van de overtreding van de welzijnsnorm stelt het Tuchtgerecht stelt vast dat betrokkene mogelijk economisch voordeel heeft gehad. Door middel van het opleggen van een geldboete beoogt het Tuchtgerecht dit voordeel weg te nemen. In dit specifieke geval wordt rekening gehouden met de relatief grote uitval, met name in de eerste weken, waardoor het economisch voordeel is beperkt. Het Tuchtgerecht neemt daarbij in aanmerking, dat niet is gebleken dat de relatief grote uitval in relatie staat tot het overtreden van de norm.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:2 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE4613
- Datum publicatie: 17-04-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:2
Drie overtredingen: in 2011 en 2012 niet op kosten van betrokkene door een erkende controle-instantie gecontroleerd op de naleving van de hygiënevoorschriften (Actieplan-controle). Tevens is in 2011 en in 2012 niet op kosten van betrokkene door een erkende controle-instantie gecontroleerd op de naleving van de Verordening antibioticaregistratie. Volgt een geldboete van € 1.000 (zegge: eenduizend euro), waarvan € 700 (zegge: zevenhonderd euro) voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:20 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE3514
- Datum publicatie: 31-07-2014
- Datum uitspraak: 31-07-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:20
Op een leeftijd van 22 weken werden in stal 3 van het bedrijf van betrokkene 7.920 vleeskuikenouderdieren gehouden op een vloeroppervlakte van omgerekend 1.256 cm2 per dier. Er dient per dier een vloeroppervlakte van ten minste 1.300 cm2 beschikbaar te zijn. Betrokkene heeft als verweer aangevoerd dat hij 4% meer of minder geleverd kan krijgen door zijn opfokorganisatie. Het Tuchtgerecht oordeelt dat betrokkene altijd zelf verantwoordelijk blijft voor het op juiste wijze naleven van de regelgeving op zijn bedrijf. Hij zal er dus voor dienen te zorgen dat de afspraken met zijn opfokorganisatie niet leiden tot een teveel aan dieren in zijn stallen. Ten aanzien van het economisch voordeel stelt het Tuchtgerecht dat in casu niet is vast komen te staan, dat betrokkene relevant economisch voordeel heeft genoten.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:21 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE3614
- Datum publicatie: 07-10-2014
- Datum uitspraak: 07-10-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:21
Met betrekking tot 3 koppels vleeskuikens met als geboortedatum 17 juli 2012, respectievelijk 27 maart 2013 en 4 september 2013 zijn geen dan wel onvoldoende bloedonderzoeken op het effect van vaccinaties tegen NCD uitgevoerd. Het Tuchtgerecht overweegt dat de ondernemer verantwoordelijk blijft voor het tijdig doen van onderzoek, ook indien het Productschap zijn aanmelding niet (tijdig) verwerkt zou hebben. Ook kan betrokkene zich niet beroepen op mogelijk niet juist handelen door zijn dierenarts of op het feit dat de GD geen waarschuwingsbrieven meer stuurt. Het Tuchtgerecht oordeelt dat de ondernemer zelf verantwoordelijk blijft voor de gang van zaken op zijn bedrijf. Het Tuchtgerecht houdt bij het bepalen van de op te leggen maatregel rekening met het feit dat betrokkene in 2005 en 2009 al eerder met het Tuchtgerecht in aanraking is gekomen.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:22 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE3714
- Datum publicatie: 31-07-2014
- Datum uitspraak: 31-07-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:22
Betreft het niet binnen de voorgeschreven termijnen zorgdragen voor het onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella van alle op het bedrijf aanwezige stalkoppels, eenmaal gepleegd, 1 5 weken en 3 dagen te laat. Voor de overtreding wordt een tuchtrechtelijke maatregel opgelegd. Betrokkene dacht dat hij, na het toevoegen van een tweede stal aan zijn bedrijf, op basis van het toegestuurde overzicht, kon volstaan met het bemonsteren van het oudste koppel. Het Tuchtgerecht heeft begrip voor de nieuwe situatie, waarbij betrokkene gebonden was aan andere regelgeving, alsmede voor de ontstane verwarring doordat de tekst van de regelgeving niet optimaal is verwoord in het aan betrokkene toegestuurde overzicht. Beter zou zijn als daar stond “monstername bij ieder koppel”, omdat immers sprake kan zijn van meer stallen op een bedrijf. Het Tuchtgerecht ziet hierin aanleiding om ten gunste van de ondernemer af te wijken van de normbedragen bij het bepalen van de hoogte van de boete.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:23 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE3814
- Datum publicatie: 31-07-2014
- Datum uitspraak: 31-07-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:23
Betreft het nalaten van stalonderzoek door een HOSOWO-instantie na constatering van een Salmonella Infantis besmetting, na reiniging en ontsmetting van de stal. Het Tuchtgerecht heeft begrip voor het feit dat de planning van betrokkene onderdeel is van de keten, waardoor hij niet zomaar met zijn planning kan schuiven. Echter, na constatering van een Salmonellabesmetting dient een reeks maatregelen te worden genomen. Als door een te krappe planning deze maatregelen niet (goed) uitgevoerd kunnen worden, is dat onderdeel van het ondernemersrisico. Op donderdag slachten en op dinsdag nieuwe kuikens in de stal is kennelijk te krap. Het is goed dat betrokkene er nu in ieder geval een dag aan heeft toegevoegd.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:24 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE4014
- Datum publicatie: 07-10-2014
- Datum uitspraak: 07-10-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:24
Betreft 3x niet of te laat uitvoeren van het verplichte periodieke Salmonellaonderzoek. Betrokkene beroept zich onder meer op het feit dat hij nieuw is in de legsector en nog niet goed op de hoogte van de regelgeving. Het Tuchtrecht oordeelde dat dit argument eerder in het nadeel van betrokkene spreekt dan in zijn voordeel. Nieuw zijn in een sector betekent juist dat de ondernemer de verantwoordelijkheid heeft om zich grondig te informeren over de in die sector geldende regels. Hij werkt in de voedselketen en het belang voor de voedselveiligheid is groot. Daarnaast is de betrokkene als ondernemer eerder in aanraking geweest met het Tuchtgerecht en heeft het Tuchtgerecht uit de verklaringen in het berechtingsrapport en uit de feiten zoals daarin genoemd, ook niet de indruk gekregen dat betrokkene een consciëntieuze bedrijfsvoering heeft. Onderzoeken worden niet zorgvuldig ingepland en ook heeft het Tuchtgerecht in de verklaringen van betrokkene geen voornemen voor maatregelen gezien om herhaling in de toekomst te voorkomen, noch is hij ter zitting verschenen om uitleg te geven over de achtergrond van de overtredingen en/of zijn bedrijfsvoering. Dit alles in aanmerking genomen legt het Tuchtgerecht een onvoorwaardelijke geldboete op van € 1.800.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:3 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE5013-vz
- Datum publicatie: 26-02-2014
- Datum uitspraak: 24-02-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:3
Uitspraak van de voorzitter van het Tuchtgerecht. Het – voor wat betreft het jaar 2012 – hebben nagelaten (voldoende) bloedmonsters te laten nemen van de door betrokkenen gehouden leghennen en deze vervolgens te laten onderzoeken op de aanwezigheid van het Aviaire influenzavirus (AI). Uitsluitend de zaak tegen de exploitant kan inhoudelijk door het Tuchtgerecht worden behandeld, deze wordt een boete van 225 euro onvoorwaardelijk opgelegd. De UBN-houder blijft onder alle omstandigheden ook verantwoordelijk voor de juiste naleving van de Verordening maar de voorzitter van het Tuchtgerecht komt gelet op het bovenstaande niet toe aan het opleggen van een tuchtrechtelijke maatregel jegens UBN-houder.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:4 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE5213-vz
- Datum publicatie: 26-02-2014
- Datum uitspraak: 24-02-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:4
Gedurende het jaar 2012 is nagelaten door een erkende controle-instantie een Actieplancontrole te laten uitvoeren op de naleving van de hygiënevoorschriften, op kosten van de ondernemer.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:5 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE5513-vz
- Datum publicatie: 22-01-2014
- Datum uitspraak: 15-01-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:5
Uitspraak van de voorzitter van het Tuchtgerecht. Met betrekking tot het koppel met als geboortedatum 14 september 2012 is het eerste onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella te laat uitgevoerd. Bij het vaststellen van de hoogte van de geldboete houdt de voorzitter van het Tuchtgerecht rekening met het feit dat het kennelijk een incident betreft, gestaafd door het feit dat voor en na de overtreding geen overschrijding van de termijnen heeft plaatsgevonden.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:6 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE0414
- Datum publicatie: 21-01-2014
- Datum uitspraak: 21-01-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:6
Na afvoer van de stalkoppels op (donderdag) 17 januari 2013 zijn de drie stallen niet gereinigd en ontsmet voorafgaand aan de opzet van het volgende koppel op (dinsdag) 22 januari 2013. Het Tuchtgerecht constateert dat het drie maal is voorgekomen dat betrokkene in overtreding was, maar constateert dat het kennelijk een incident betreft. De feiten worden beoordeeld als één handeling, gelijktijdig voorgekomen in de drie stallen, als gevolg van het feit dat betrokkene klem zat door het geleverd krijgen van de nieuwe dieren, te snel nadat de vorige dieren waren afgevoerd. Er wordt één tuchtrechtelijke maatregel opgelegd.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:7 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE0914
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:7
Het voorgeschreven eerste onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella is uitgevoerd toen de leghennen al een leeftijd hadden berieikt van 38 weken en 6 dagen. Dit dient plaats te vinden op de leeftijd van minimaal 22 weken en maximaal 26 weken. Er wordt een geldboete opgelegd, waarbij het Tuchtgerecht rekening heeft gehouden met de door betrokkene getroffen maatregelen om herhaling in de toekomst te voorkomen.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:8 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE1114
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:8
Het eerste onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella van alle op het bedrijf aanwezige stalkoppels is op het pluimveebedrijf van betrokkene tweemaal te laat uitgevoerd; eenmaal 4 dagen te laat en eenmaal 2 weken en 5 dagen te laat. Ondernemers in de sector zijn soms van mening dat een kleine overschrijding van de termijn niet zo belangrijk is. Het Tuchtgerecht benadrukt dat het uitgangspunt van de regeling is, dat de eerste monstername plaatsvindt op een leeftijd van 24 weken. Er is vervolgens in de regeling zelf voor de ondernemer een marge ingebouwd van 2 weken tijd voor en 2 weken tijd na dit ijkpunt van 24 weken om uitvoering te geven aan de monstername. Kortom: de ondernemer heeft hiervoor 4 weken de tijd. Vindt de monstername daarvoor of daarna plaats, dan is de ondernemer in gebreke. Voor de overtredingen wordt een tuchtrechtelijke maatregel opgelegd.
-
ECLI:NL:TPETPVE:2014:9 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE1614
- Datum publicatie: 18-03-2014
- Datum uitspraak: 18-03-2014
- ECLI:NL:TPETPVE:2014:9
Onderzoek naar de aanwezigheid van Salmonella is op het pluimveebedrijf van betrokkene vijf maal te laat uitgevoerd. Betrokkene kiest voor het gelijk bemonsteren van de drie stallen. Ter zitting heeft de vertegenwoordiger van het Productschap aangegeven dat dit een risico is, omdat als men dan één keer te laat is, dit direct drie overtredingen oplevert. Betrokkene voert voorts nog aan dat de beide eerste monsters die te laat genomen waren, bewust in de 28e week waren genomen in verband met de Duitse KAT certificering. Het Tuchtgerecht benadrukt dat op het bedrijf van betrokkene in ieder geval de Nederlandse regelgeving dient te worden nageleefd. Daarbij is 26 weken de uiterste grens voor de eerste monstername.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-01 (2017.V5-Anna
- Datum publicatie: 25-04-2018
- Datum uitspraak: 25-04-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:1
Op 26 juni 2017 ontstond aan boord van het Nederlandse zeeschip Anna een brand in de machinekamer. De brand werd zeer waarschijnlijk veroorzaakt doordat, na een smeeroliespuiter vanuit het smeerolieduplexfilter van de hoofdmotor, een nevel van smeerolie ontstond die door onbekende ontstekingsbron ontbrandde. De brand was kort maar zeer hevig en kon vrij snel met gebruik van de vaste blusmiddelen (CO2) worden gedoofd. Desondanks liepen de maritiem officier en een leerling brandwonden aan de armen op, waardoor ze van boord geëvacueerd moesten worden. De brand heeft zeer veel schade in de machinekamer veroorzaakt. Op het moment van de brand was het schip in de aanloop naar Rotterdam, ongeveer 11 mijl WZW van Hoek van Holland.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:10 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-10 "2018.V5 Aragonborg"
- Datum publicatie: 12-09-2018
- Datum uitspraak: 12-09-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:10
Omtrent een ongeval met een losse stalen hijskabel aan boord van het zeeschip Aragonborg.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:11 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-11 "2017.V6 Atlantic Dawn"
- Datum publicatie: 31-10-2018
- Datum uitspraak: 31-10-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:11
Inzake een dodelijk ongeval (omtrent electriciteit/ gevaarlijke stoffen/ verminderd bewustzijn) op 17 oktober 2016 op het Nederlandse zeeschip Atlantic Dawn. Het schip lag op dat moment voor anker voor de kust van Saoedi-Arabië nabij Jazan (Rode Zee).
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:12 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-12 "2018.V12 Nieuwe Diep"
- Datum publicatie: 28-12-2018
- Datum uitspraak: 28-12-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:12
Omtrent een ongeval op zondag 4 maart 2018 in de haven van Terschelling aan boord van het Rijksvaartuig Nieuwe Diep waarbij een opvarende werd getroffen door een brekende tros.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-02 (2018.V2 Fiducia)
- Datum publicatie: 25-04-2018
- Datum uitspraak: 25-04-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:2
Op 28 augustus 2017 ontving ILT melding van de Deense autoriteiten dat het Nederlandse zeeschip Fiducia aan de grond was gelopen in Deense wateren in de positie 56º35,88N 010º26,69E. Betrokkene was op dat moment kapitein. Het schip is zelfstandig losgekomen. Bij een duikinspectie in de haven van Randers, Denemarken, bleek er geen noemenswaardige schade aan het schip te zijn.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-03 "2017.V8-Guardian"
- Datum publicatie: 23-05-2018
- Datum uitspraak: 23-05-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:3
Op donderdag 29 juni 2017 omstreeks 13.21 uur lokale tijd liep de Guardian met een snelheid van ongeveer 14 knopen op een ondiepte nabij het eiland Storfosna in Noorwegen. Het schip raakte daarbij zodanig beschadigd dat in ieder geval de machinekamer en een deel van de accommodatie vol liepen met water en de pompen aan boord niet in staat waren om dit bij te houden. De bemanning heeft uiteindelijk het schip via het reddingsvlot verlaten. Het schip is niet gezonken en later vervoerd naar Nederland. Niemand raakte gewond.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:4 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-04 "2017.V7-Sea Bronco"
- Datum publicatie: 23-05-2018
- Datum uitspraak: 23-05-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:4
Op 23 december 2016 vond in de haven van Vlissingen aan boord van het schip Sea Bronco een ernstig ongeval plaats, waarbij de eerste stuurman ernstig hoofdletsel opliep. Op het moment van het ongeval was de Sea Bronco aan het afmeren langszij een andere sleepboot, de Sea Bulldog. Een koplijn was reeds vastgemaakt en een bemanningslid was op het achterdek bezig met de achtertros. Betrokkene, kapitein van de Sea Bronco, was vanuit de achterzijde van de brug bezig om een tros, bevestigd aan de sleepdraad, met de sleepwinch strak te trekken. Deze tros was door het latere slachtoffer om de middenbolder van de Sea Bulldog gelegd. Op het moment dat de tros strak kwam te staan, stopte betrokkene niet op tijd met halen op de winch, waardoor de tros brak. Het slachtoffer werd getroffen door het rondzwiepende eind van de gebroken tros.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-05 "2017 V9 Achtergracht"
- Datum publicatie: 04-07-2018
- Datum uitspraak: 04-07-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:5
Op zaterdag 14 november 2015 vond een dodelijk ongeval plaats aan boord van het Nederlandse zeeschip Achtergracht; bij een die dag op het luikendek gehouden Neptunus ritueel is de Filipijnse stagiair/leerling-stuurman A.F. S. (hierna: S.), geboren 20 oktober 1994, overleden.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:6 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-06 "2017.V10-Symphony Sky"
- Datum publicatie: 04-07-2018
- Datum uitspraak: 04-07-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:6
Op 11 juni 2017 omstreeks 18:14 uur UTC vond na het bunkeren op "Skagen Roads" een aanvaring plaats tussen het Nederlandse zeeschip Symphony Sky en het 14 meter lange Deense vissersvaartuig Frisk Fisk (S521). Beide schepen liepen lichte schade op en konden hun reis vervolgen. Niemand raakte gewond.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:7 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-7 "2018.V3-Ruyter"
- Datum publicatie: 04-07-2018
- Datum uitspraak: 04-07-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:7
Op 10 oktober 2017 omstreeks 23:00 uur is het Nederlandse zeeschip Ruyter aan de grond gelopen aan de noordzijde van Rathlin Island (Noord-Ierland).
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:8 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-08 "2018.V1 – Stavjord"
- Datum publicatie: 12-09-2018
- Datum uitspraak: 12-09-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:8
Op maandag 13 november 2017 ontving ILT de melding dat het Nederlandse schip Stavfjord die dag omstreeks 07.10 BT aan de grond was gelopen bij het eiland Nólsoy, Faeröer.
-
ECLI:NL:TSCTS:2018:9 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-09 "2018.V4 – Zillertal"
- Datum publicatie: 12-09-2018
- Datum uitspraak: 12-09-2018
- ECLI:NL:TSCTS:2018:9
Inzake een aanvaring op woensdag 10 januari 2018 tussen het Nederlandse zeeschip Zillertal en het onder de vlag van Cook Island varende zeeschip Edmy.
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-01 (2018.V10-Jan Senior ARM7
- Datum publicatie: 07-06-2019
- Datum uitspraak: 07-06-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:1
In de nacht van maandag 28 op dinsdag 29 augustus 2017 waren inspecteurs van de NVWA voornemens om een visserij-inspectie uit te voeren aan boord van het onder Nederlandse vlag varende zeevissersvaartuig ‘Jan Senior’, visserijnummer ARM 7. Betrokkene was schipper, tevens wachtdoend officier op dit schip (hierna: de ARM 7), dat toen in territoriale wateren van Frankrijk voer. Hem wordt onder meer verweten dat hij zich, althans de ARM 7, aan deze inspectie heeft willen onttrekken en daarbij een gevaarlijke situatie heeft laten ontstaan. Dat laatste door de netten boven/binnen te halen en door te varen terwijl een RHIB (Rigid Hull Inflatable Boat), waarmee de inspecteurs aan boord van de ARM 7 werden/zouden worden gebracht, zich langszij van de ARM 7 bevond, waardoor de RHIB met haar schroef in de netten verstrikt raakte, daardoor een draaiende beweging maakte en, met toen nog de twee bemanningsleden en één van de inspecteurs aan boord, deels onder water, achterstevoren door de ARM 7 werd meegetrokken. Het handelen en nalaten van betrokkene is naar het oordeel van de inspecteur in strijd met het bepaalde in artikel 4 lid 4, in verbinding met artikel 55a, van de Wet zeevarenden (eisen van goed zeemanschap).
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-02 (2018.V11-Jan Senior ARM7)
- Datum publicatie: 07-06-2019
- Datum uitspraak: 07-06-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:2
In de nacht van maandag 28 op dinsdag 29 augustus 2017 waren inspecteurs van de NVWA voornemens om een visserij-inspectie uit te voeren aan boord van het onder Nederlandse vlag varende zeevissersvaartuig ‘Jan Senior’, visserijnummer ARM 7. J. S. was schipper, tevens wachtdoend officier op dit schip (hierna: de ARM 7), dat toen in territoriale wateren van Frankrijk voer. Hem is onder meer verweten dat hij zich, althans de ARM 7, aan deze inspectie heeft willen onttrekken en daarbij een gevaarlijke situatie heeft laten ontstaan. Dat laatste door de netten boven/binnen te halen en door te varen terwijl een RHIB (Rigid Hull Inflatable Boat), waarmee de inspecteurs aan boord van de ARM 7 werden/zouden worden gebracht, zich langszij van de ARM 7 bevond, waardoor de RHIB met zijn schroef in de netten verstrikt raakte, daardoor een draaiende beweging maakte en, met toen nog de twee bemanningsleden en één van de inspecteurs aan boord, deels onder water, achterstevoren door de ARM 7 werd meegetrokken. Het verwijt aan betrokkene P. G., die een officiersrang had en machinist was, is dat hij niet heeft ingegrepen teneinde de gevaarlijke situatie te voorkomen dan wel daar een einde aan te maken, door de schipper erop aan te spreken dat deze moest stoppen met diens gevaarlijke actie. Het nalaten van betrokkene is naar het oordeel van de inspecteur in strijd met het bepaalde in artikel 4 lid 4, in verbinding met artikel 55a, van de Wet zeevarenden (eisen van goed zeemanschap).
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-03 (2018.V13-Thamesborg)
- Datum publicatie: 05-07-2019
- Datum uitspraak: 05-07-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:3
Op vrijdag 16 maart 2018 voer het geladen en onder Nederlandse vlag varende schip Thamesborg in ijs konvooi in de Baltische Zee. Het konvooi bestond uit de Zweedse ijsbreker “Ymer”, het onder Cyprus vlag varende vrachtschip “Mario L” en daarachter als laatste de Thamesborg. Rond 15:00 LT werd het ijs dikker en, na een eerste vaartvermindering van de Mario L, kwam dit schip vast te zitten in het ijs. Ondanks pogingen vanaf de Thamesborg om tijdig te stoppen en/of uit te wijken, vond er een aanvaring plaats tussen de Thamesborg en de Mario L. De aanvaring gebeurde met weinig vaart, maar toch verloor de Mario L haar “free fall lifeboat” en liep de Thamesborg boven de waterlijn een klein scheurtje op. Niemand raakte gewond.
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:4 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-04 (2018.V6-Coral Patula)
- Datum publicatie: 30-10-2019
- Datum uitspraak: 30-10-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:4
Op donderdag 9 februari 2017 omstreeks 07:15 uur vond te Yeosu (Korea) een aanvaring plaats tussen de Nederlandse gastanker Coral Patula en het onder de vlag van Belize varende zeeschip Trueborn. Beide schepen liepen (substantiële) schade op.
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-05 (2018.V7-Coral Patula)
- Datum publicatie: 30-10-2019
- Datum uitspraak: 30-10-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:5
Op donderdag 9 februari 2017 omstreeks 07:15 uur boordtijd vond te Yeosu (Korea) OPL anchorage een aanvaring plaats tussen de Nederlandse gastanker Coral Patula en het onder de vlag van Belize varende zeeschip Trueborn. Beide schepen liepen (substantiële) schade op.
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:6 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-06 "2018.V8-Coral Patula"
- Datum publicatie: 30-10-2019
- Datum uitspraak: 30-10-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:6
Op donderdag 9 februari 2017 omstreeks 07:15 uur vond te Yeosu (Korea) OPL Anchorage een aanvaring plaats tussen de Nederlandse gastanker Coral Patula en het onder de vlag van Belize varende zeeschip Trueborn. Beide schepen liepen (substantiële) schade op.
-
ECLI:NL:TSCTS:2019:7 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2019-07 (2018.V9 Coral Patula)
- Datum publicatie: 30-09-2019
- Datum uitspraak: 30-10-2019
- ECLI:NL:TSCTS:2019:7
Op donderdag 9 februari 2017 omstreeks 07:15 uur vond te Yeosu (Korea) OPL Anchorage een aanvaring plaats tussen de Nederlandse gastanker Coral Patula en het onder de vlag van Belize varende zeeschip Trueborn. Beide schepen liepen (substantiële) schade op.
-
ECLI:NL:TSCTS:2020:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2020-01 (2019.V1-Alana Evita)
- Datum publicatie: 20-11-2020
- Datum uitspraak: 20-11-2020
- ECLI:NL:TSCTS:2020:1
In de nacht van woensdag 20 maart op donderdag 21 maart 2019 vond een incident plaats, waarbij een deel van de bemanning van het Nederlandse vrachtschip Alana Evita het schip heeft verlaten met de reddingsboot/MOB-boot en naar de vaste wal is gegaan (Barry-UK). Bij een poging terug te keren naar het schip zijn zij verdwaald en uiteindelijk gevonden na een SAR-operatie van de Britse kustwacht. Doordat deze bemanning het schip heeft verlaten, was het schip onderbemand en was er niemand meer aan boord met bevoegdheden als OOW. De HWTK was als enige officier aan boord.
-
ECLI:NL:TSCTS:2020:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2020-02 (2019.V2-Alana Evita)
- Datum publicatie: 20-11-2020
- Datum uitspraak: 20-11-2020
- ECLI:NL:TSCTS:2020:2
In de nacht van woensdag 20 maart op donderdag 21 maart 2019 vond een incident plaats, waarbij een deel van de bemanning van het Nederlandse vrachtschip Alana Evita het schip heeft verlaten met de reddingsboot/MOB-boot en naar de vaste wal is gegaan (Barry-UK). Bij een poging terug te keren naar het schip zijn zij verdwaald en uiteindelijk gevonden na een SAR-operatie van de Britse kustwacht. Doordat deze bemanning het schip heeft verlaten, was het schip onderbemand en was er niemand meer aan boord met bevoegdheden als OOW. De HWTK was als enige officier aan boord.
-
ECLI:NL:TSCTS:2020:3 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2020-03 (2020.V2-Vlistdiep)
- Datum publicatie: 20-11-2020
- Datum uitspraak: 20-11-2020
- ECLI:NL:TSCTS:2020:3
Op 9 mei 2019 heeft het Nederlands gevlagde vrachtschip Vlistdiep bij het verlaten van de haven van Georgetown in Guyana, een aanvaring gehad met het voor anker liggende schip Copenhagen, dat de vlag van Antigua Barbuda voert.
-
ECLI:NL:TSCTS:2020:4 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2020-04 (2019.V3-Dintelstroom)
- Datum publicatie: 20-11-2020
- Datum uitspraak: 20-11-2020
- ECLI:NL:TSCTS:2020:4
Op maandag 17 september 2018 vond een arbeidsongeval plaats, waarbij de eerste stuurman van de Nederlandse sleepboot Dintelstroom ernstig gewond raakte. Tijdens het opspoelen van een nieuwe sleepdraad is deze sleepdraad plotseling over de towing pin ‘gewipt’ en heeft daarbij de eerste stuurman geraakt. Hierbij liep hij ernstige verwondingen op (o.a. knie uit de kom, geperforeerde long en gebroken ribben).
-
ECLI:NL:TSCTS:2020:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2020-05 (2020.V5-Jyden)
- Datum publicatie: 21-12-2020
- Datum uitspraak: 21-12-2020
- ECLI:NL:TSCTS:2020:5
Het verzoek van de Inspecteur heeft betrekking op een aanvaring tussen het Nederlandse m.s. Jyden en het onder vlag van Antigua en Barbuda varende m.s. Celina. De aanvaring vond plaats op vrijdag 22 maart 2019 in dichte mist in de aanloop van IJmuiden, voor de monding van de pieren. Aan boord van de Jyden bevonden zich twaalf passagiers en daarnaast betrokkene als kapitein, zijn zoon en een hulp. Door de aanvaring raakten beide schepen beschadigd en ontstonden aan boord van de Jyden problemen met het manoeuvreren. Er hebben zich geen persoonlijke ongelukken voorgedaan.
-
ECLI:NL:TSCTS:2021:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2021-02 (2020.V3-Zaanborg)
- Datum publicatie: 05-02-2021
- Datum uitspraak: 05-02-2021
- ECLI:NL:TSCTS:2021:1
Op 15 januari 2020 is het ms Zaanborg in ballastconditie vertrokken uit de haven van Ravenna, Italië. Dat was in de avond en de loods ging binnen de pieren van boord af. Vrij kort daarna heeft het schip een vast object (platform) geraakt. Daarbij ontstond forse schade boven de waterlijn, voornamelijk aan bakboordzijde van het voorschip.
-
ECLI:NL:TSCTS:2021:10 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2021-08 "2020.V10 Lady Hanneke"
- Datum publicatie: 02-07-2021
- Datum uitspraak: 02-07-2021
- ECLI:NL:TSCTS:2021:10
Omtrent een gronding op 24 juni 2020 van het Nederlandse schip Lady Hanneke in Deense wateren op Boels Plade.
-
ECLI:NL:TSCTS:2021:11 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2020.V4-ZAANBORG
- Datum publicatie: 05-02-2021
- Datum uitspraak: 05-02-2021
- ECLI:NL:TSCTS:2021:11
Op 15 januari 2020 is het ms Zaanborg in ballastconditie vertrokken uit de haven van Ravenna, Italië. Dat was in de avond en de loods ging binnen de pieren van boord af. Vrij kort daarna heeft het schip een vast object (platform) geraakt. Daarbij ontstond forse schade boven de waterlijn, voornamelijk aan bakboordzijde van het voorschip.
-
ECLI:NL:TSCTS:2021:12 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam 2021-09 (2020.V11-LADY HANNEKE)
- Datum publicatie: 02-07-2021
- Datum uitspraak: 02-07-2021
- ECLI:NL:TSCTS:2021:12
Op 24 juni 2020 is het Nederlandse schip Lady Hanneke in Deense wateren aan de grond gelopen op Boels Plade in de positie 56°37.6N 010°28.3E. De Lady Hanneke voer op dat moment volgens een route die door betrokkene (in diens hoedanigheid van 2de stuurman) in het kader van de reisvoorbereiding zo was gepland. Het schip is na de gronding op eigen kracht weer losgekomen, waarna het is aangehouden door de Danish Maritime Authority. De Deense autoriteiten hebben een melding van de gronding gedaan via SafeSeaNet. De rederij heeft het ongeval op 25 juni 2020 om 09:02 uur aan ILT gemeld.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 928
- Pagina: 929
- Pagina: 930
- ...
- Pagina: 932
- Volgende pagina zoekresultaten