Zoekresultaten 20421-20430 van de 47108 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:121 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-160
- Datum publicatie: 04-06-2018
- Datum uitspraak: 30-05-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:121
Voorzittersbeslissing. Niet is komen vast te staan dat verweerster als deken invloed heeft geprobeerd uit te oefenen op diverse beslissingen van de Raad van Discipline over de door klaagster ingediende klacht(en).
-
ECLI:NL:TACAKN:2018:36 Accountantskamer Zwolle 17/2054 WtraAK
- Datum publicatie: 04-06-2018
- Datum uitspraak: 04-06-2018
- ECLI:NL:TACAKN:2018:36
Beslaglegging in verband met vorderingen van meer van 40.000 euro onder opdrachtgevers van de cliënt voor een bedrag van ruim 14.000 euro. Betrokkene heeft gesteld dat hij alvorens over te gaan tot beslaglegging een afweging heeft gemaakt van de belangen die in het geding zijn, maar heeft die afweging niet overgelegd. Onder deze omstandigheden is de beslaglegging disproportioneel en dat leidt tot schending van het fundamentele beginsel van professionaliteit. Bovendien heeft betrokkene gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter heeft moeten begrijpen (welke opdrachtgevers van de cliënt hadden de grootste schulden), gebruikt bij de keuze onder welke opdrachtgevers van klaagsters hij beslag zou laten leggen. Daardoor heeft hij ook gehandeld in strijd met het fundamentele beginsel van vertrouwelijkheid. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TNORARL:2018:14 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/314388 KL RK 17-3 C/05/314389 KL RK 17-4
- Datum publicatie: 01-06-2018
- Datum uitspraak: 11-01-2018
- ECLI:NL:TNORARL:2018:14
Zodanige samenhang met eerder ingediende klachten dat deels van een nieuwe klacht geen sprake is. Nieuwe feiten of omstandigheden die een zodanig ander licht op de zaak werpen dat de zaak inhoudelijk opnieuw beoordeeld dient te worden zijn niet gesteld en ook niet gebleken. In zoverre klacht niet-ontvankelijk. Voor het overige kan notaris geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt dat hij is uitgegaan van de door de bank opgegeven financiële gegevens en de daarbij door de bank gehanteerde systematiek, zoals bijvoorbeeld het salderen van twee leningen onder één leningnummer. Hetzelfde geldt voor het feit dat de bank bij de opdracht tot openbare verkoop 2017 tevens de restschuld 2015 betrekt. In zoverre klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORARL:2018:15 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/325321 / KL RK 17-114 C/05/325323 / KL RK 17-115
- Datum publicatie: 01-06-2018
- Datum uitspraak: 20-04-2018
- ECLI:NL:TNORARL:2018:15
Klaagster beklaagt zich over de handelwijze van de notarissen bij de afwikkeling van de nalatenschap. Klaagster wordt deels niet-ontvankelijk verklaard in haar klachten vanwege overschrijding van de driejaarstermijn. De overige onderdelen van de klacht worden ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TNORARL:2018:16 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/330360 / KL RK 17-206
- Datum publicatie: 01-06-2018
- Datum uitspraak: 07-05-2018
- ECLI:NL:TNORARL:2018:16
In casu gaat het om het opstellen van een testament voor een terminaal zieke vrouw. De notaris is door de dochter van erflaatster benaderd voor het opstellen van een testament. Klager, in casu de echtgenoot van erflaatster, verwijt de notaris onder meer dat deze niet had moeten toestaan dat anderen dan erflaatster aanwezig waren bij het passeren van het testament. Dit klemt te meer omdat belanghebbenden bij het testament aanwezig waren en de notaris daarom extra op zijn hoede had moeten zijn. De dochter had grote invloed op erflaatster en was ook nog eens bevriend met de notaris. De kamer heeft het volgende overwogen. Voorafgaande aan het opstellen van het testament kende de notaris erflaatster nog niet. De notaris en erflaatster hebben hoogstens één keer telefonisch contact gehad, voor zover dat daadwerkelijk heeft plaatsgevonden, hetgeen de kamer niet kan vaststellen. Voorafgaand aan het passeren van het testament heeft de notaris erflaatster niet alleen gesproken. De afstand tussen de woonplaats van erflaatster en de plaats van vestiging van de notaris mocht voor hem geen belemmering zijn erflaatster persoonlijk te spreken. Verwacht mocht in dit geval worden dat de notaris het uiterste zou hebben geprobeerd om bij erflaatster thuis de voorbespreking te laten plaatsvinden. Bij het passeren van het testament waren klager en de kinderen in dezelfde ruimte aanwezig. Tijdens het passeren ontstond er onrust tussen de aanwezigen. De kamer vindt het verwijtbaar dat de notaris, gelet op de geschetste omstandigheden, erflaatster niet apart heeft genomen om haar alleen te spreken. Door dit na te laten heeft de notaris onvoldoende gewaarborgd dat erflaatster haar wil op onafhankelijke wijze heeft kunnen overbrengen aan de notaris. De omstandigheid dat erflaatster zelf aangaf dat de kinderen en klager bij het passeren aanwezig mochten zijn, ontslaat de notaris niet van zijn zorgplicht om akten zorgvuldig tot stand te laten komen. Gelet op vorenstaande is onvoldoende gebleken dat de notaris heeft gehandeld zoals dat van een redelijk handelende en redelijk bekwame notaris verwacht had mogen worden. De kamer acht dit klachtonderdeel daarom gegrond en legt de notaris de maatregel van berisping op.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:116 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-750/DH/DH
- Datum publicatie: 31-05-2018
- Datum uitspraak: 02-01-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:116
Voorzittersbeslissing. Klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de driejaarstermijn als bedoeld in artikel 46g lid 1 sub a Advocatenwet.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:274 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-738/DH/RO
- Datum publicatie: 31-05-2018
- Datum uitspraak: 05-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:274
Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:116 Raad van Discipline Amsterdam 18-271/A/A
- Datum publicatie: 31-05-2018
- Datum uitspraak: 22-05-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:116
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van inmiddels overleden vader. Klagers zijn kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een rechtstreeks belang bij de klacht.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2018:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/110
- Datum publicatie: 31-05-2018
- Datum uitspraak: 26-03-2018
- ECLI:NL:TNORSHE:2018:3
Klacht over wijze waarop notaris uitvoering heeft gegeven aan zijn taak als bewindvoerder t.a.v. beheersregeling over woning als bedoeld in 3:168 lid 2 BW. Ne bis in idem, niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:155 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.354
- Datum publicatie: 31-05-2018
- Datum uitspraak: 31-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:155
Klacht tegen arts. Bij klaagster zijn door verweerster een boven- en onderooglidcorrectie uitgevoerd. Klaagster verwijt verweerster onder meer dat zij bij klaagster de indruk heeft gewekt dat zij chirurg was, terwijl zij geregistreerd staat als basisarts, dat zij voorafgaand aan de operatie onvoldoende informatie heeft verstrekt, de ingreep slecht heeft voorbereid en niet goed heeft uitgevoerd. Deze klachtonderdelen zijn door het Regionaal Tuchtcollege gegrond verklaard. Aan de arts is door het college in eerste aanleg de bevoegdheid ontzegd om, in het register ingeschreven staand, het beroep van arts uit te oefenen voor zover dit het verrichten van boven- en onderooglidcorrecties betreft en is de publicatie van de beslissing gelast. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van de arts gegrond verklaard voor zover het zich richtte tegen de gegrondverklaring van het klachtonderdeel dat de ingreep slecht was voorbereid en niet goed was uitgevoerd. Dit onderdeel van de klacht acht het Centraal Tuchtcollege ongegrond. Nu d e door de arts in beroep overgelegde verklaringen onvoldoende inzicht geven in hoe de arts de door haar gestelde bekwaamheid heeft verworven en de arts ook in beroep geen stukken heeft overgelegd waaruit blijkt dat in het kader van achterwacht afspraken waren gemaakt met omliggende ziekenhuizen of met in de nabijheid werkzame specialisten ziet het Centraal Tuchtcollege geen aanleiding een minder zware maatregel op te leggen dan in eerste aanleg was opgelegd. Met eenparigheid van stemmen komt het Centraal Tuchtcollege tot het oordeel dat de maatregel van een ontzegging van de bevoegdheid om boven- en onderooglidcorrecties te verrichten moet worden gehandhaafd. Het Centraal Tuchtcollege gelast de publicatie van de beslissing.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2042
- Pagina: 2043
- Pagina: 2044
- ...
- Pagina: 4711
- Volgende pagina zoekresultaten