Zoekresultaten 61-70 van de 47604 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:84 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9318
- Datum publicatie: 05-06-2026
- Datum uitspraak: 05-06-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:84
Klacht tegen gynaecoloog kennelijk ongegrond. Klaagster was onder behandeling bij de gynaecoloog vanwege diverse pijnklachten. Zij verwijt de gynaecoloog dat zij de uitslag van de PET-CT scan niet (direct) heeft gedeeld, geen informatie heeft verstrekt over de bijwerkingen van medicatie en tegenstrijdige informatie gaf over een doorverwijzing naar Engeland en over de vergoeding door de verzekeraar. Het college oordeelt dat de gynaecoloog niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8394
- Datum publicatie: 05-06-2026
- Datum uitspraak: 05-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:128
Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager maakt de bedrijfsarts meerdere verwijten over haar handelen gedurende het re-integratie traject van klager, onder andere dat zij geen actie ondernam toen zijn werkgever niet passende werkzaamheden aanbood. Het college oordeelt hierover dat de bedrijfsarts in de rapportages heeft aangegeven welke beperkingen er waren en dat klager het aangeboden werk niet passend vond; het is niet de taak van een bedrijfsarts om er vervolgens nog op toe te zien of de werkgever de adviezen van de bedrijfsarts wel in volle omvang opvolgt. Ook de overige klachtonderdelen zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORARL:2025:46 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/447262 / KL RK 25-15
- Datum publicatie: 05-06-2026
- Datum uitspraak: 14-08-2025
- ECLI:NL:TNORARL:2025:46
Het verzet van klager is deels gegrond verklaard ten aanzien van twee klachtonderdelen, omdat in de voorzittersbeslissing deze klachtonderdelen onjuist zijn geïnterpreteerd en daarom nog niet is beslist op de eigenlijke klacht van klaagster over onderwerpen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9257
- Datum publicatie: 05-06-2026
- Datum uitspraak: 05-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:129
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager maakt de bedrijfsarts meerdere verwijten over diens begeleiding. Klager heeft eerder een tuchtklacht tegen de bedrijfsarts ingediend. Hoewel de onderbouwing van de klachtonderdelen summier is, is het college van oordeel dat de klachtonderdelen voldoen aan de voor de onderbouwing daarvan betreft minimale eisen. De bedrijfsarts heeft tegen elk van de klachtonderdelen ook inhoudelijk verweer gevoerd. Het college komt tot het oordeel dat klager ontvankelijk is maar dat zijn klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:136 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9244
- Datum publicatie: 04-06-2026
- Datum uitspraak: 04-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:136
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen een verpleegkundige. De klacht gaat over de overplaatsing van klager naar het Penitentiair Psychiatrisch Centrum en de oplegging van een zorgmachtiging. Naar het oordeel van de voorzitter is er sprake van objectieve, concrete en gemotiveerde zwaarwegende omstandigheden die aanleiding geven om de openbaarmaking van de persoonsgegevens van de verpleegkundige ook in het vervolg van de procedure te beperken. De voorzitter komt inhoudelijk tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9245
- Datum publicatie: 04-06-2026
- Datum uitspraak: 04-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:137
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen een onbekend gebleven zorgverlener. De klacht gaat over de overplaatsing van klager naar het Penitentiair Psychiatrisch Centrum en de oplegging van een zorgmachtiging. Nu klager, op wie de verantwoordelijkheid rust om de naam van de beklaagde te verstrekken, de identiteit van de beklaagde niet heeft kunnen achterhalen en gelet op deze informatie, is klager kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht. Bij gebrek aan nadere informatie over de psycholoog die het zou betreffen, is de voorzitter van oordeel dat verdere inspanningen in dit geval niet van het tuchtcollege gevergd kunnen worden.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:136 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-002/AL/NN
- Datum publicatie: 04-06-2026
- Datum uitspraak: 01-06-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:136
Klager heeft de wederpartij van de advocaat bijgestaan als adviseur. Klager is ontvankelijk in zijn klacht omdat de advocaat in een processtuk uitdrukkelijk refereert aan klager. Vanwege de partijdige positie van een advocaat, stond het de advocaat vrij om het rapport van klager in een kritisch daglicht te stellen. De advocaat heeft zich niet onnodig grievend uitgelaten over klager. De raad verklaart de klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:168 Hof van Discipline 's Gravenhage 260177
- Datum publicatie: 04-06-2026
- Datum uitspraak: 04-06-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:168
Afwijzing verzoek tot verwijzing op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. De klacht die klager over de deken heeft ingediend heeft betrekking op het onderzoek van de deken van de klacht van klager over mr. L. De klacht van klager over de deken kan daarom niet los worden gezien van de klacht van klager over mr. L. Om die reden is er van een zelfstandige klacht over de deken geen sprake. Als klager de klacht over mr. L niet had ingetrokken had klager, na betaling van het griffierecht, die klacht kunnen voorleggen aan en laten beoordelen door de raad. Binnen de kaders van die procedure had klager naar voren kunnen brengen op welke punten het vooronderzoek van de deken van de klacht van klager over mr. L (in het bijzonder de visie van de deken dat klager daarbij geen eigen belang zou hebben) niet deugde, en de raad tot een andere conclusie had behoren te komen dan de deken. De raad is namelijk (evenals het hof) niet gebonden aan de bevindingen van de deken uit hoofde van het vooronderzoek.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:55 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/760760 / DW RK 24/427 MK/SM
- Datum publicatie: 03-06-2026
- Datum uitspraak: 29-05-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:55
Beslissing op verzet. Klager heeft ondanks daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld geen gronden van zijn verzet ingediend. Klager kan daarom niet in zijn verzet worden ontvangen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:98 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7644
- Datum publicatie: 03-06-2026
- Datum uitspraak: 03-06-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:98
Klacht ingediend door de kleinzoon van een gedurende deze procedure overleden patiënte. Klager is ontvankelijk door combinatie van een medische en een algemene volmacht voor overige aangelegenheden gericht aan klagers vader en aan klager, de akkoordverklaring van de vader en instemming van de vader met voortzetting van de klacht na overlijden van patiënte. De klacht is kennelijk ongegrond. Geklaagd wordt over de kwaliteit van de geleverde zorg en de communicatie onder andere over de hoedanigheid van verweerster. De omstandigheden waarop de klacht is gebaseerd en de verweten handelingen worden niet vastgesteld door het college.