Zoekresultaten 1-20 van de 48092 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:160 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3003

    Klacht tegen een huisarts. Klager verbleef met enkele onderbrekingen van 2013 tot 2017 in een verpleeghuis voor mensen met verslavingsproblematiek. Klager is eenmaal bij de arts op consult geweest. Klager verwijt de arts dat hij adviseerde paracetamol te nemen voor de hoofdpijn. Hij had klager verder moeten onderzoeken. Bovendien had hij op de hoogte moeten zijn van de psychofarmaca die klager toegediend kreeg. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:161 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3004

    Klacht tegen een psychiater. Klager verbleef in een verpleeghuis voor mensen met verslavingsproblematiek. De psychiater werkte in die periode voor een instelling die psychiatrische hulp verleende in het verpleeghuis. Volgens klager heeft de psychiater hem: a) vanaf 2014 zonder zijn medeweten medicatie gegeven, als gevolg waarvan klager fysieke klachten kreeg; b) nooit lichamelijk onderzocht; c) hem tijdens een consult niet respectvol behandeld heeft. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:162 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3148

    Klacht tegen een psychiater. Klaagster is tweemaal door de psychiater gezien voor een second opinion in het kader van een euthanasietraject. Klaagster maakt de psychiater verwijten over de inhoud van de verslagen van beide second opinions, de verzending van het verslag van de tweede second opinion en haar communicatie per e-mail. Het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle heeft de klacht deels gegrond verklaard en de fysiotherapeut de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:163 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3145

    Klacht tegen een psychiater. In opdracht van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (hierna: CBR) verrichtte de psychiater medisch en psychiatrisch onderzoek naar de rijgeschiktheid van klager. In zijn rapportage overwoog de psychiater dat er aanwijzingen waren gevonden tot het stellen van de diagnose alcoholmisbruik. Om die reden adviseerde hij het CBR om klager ongeschikt te verklaren. Het rijbewijs van klager werd door het CBR vervolgens niet verlengd. Klager verwijt de psychiater onzorgvuldig en ondeskundig onderzoek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:255 Hof van Discipline 's Gravenhage 260295

    Afwijzing verzoek tot verwijzing op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. Het klachtrecht is niet bedoeld om te klagen over procedurele beslissingen die een deken tijdens het klachtonderzoek neemt (zoals het doorgeven van reactiemogelijkheden en termijnen aan partijen). Klager kan, na afronding van het klachtonderzoek door de deken en na betaling van het griffierecht, zijn klacht over mr. S laten toetsen door de raad van discipline. Binnen de kaders van die procedure kan klager al zijn bezwaren over het klachtonderzoek door de deken en de daarin door de deken genomen procedurele beslissingen onder de aandacht van de raad van discipline brengen. Daarom zal de voorzitter de klacht over de deken niet verwijzen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:164 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3298

    Voorzittersbeslissing. Klaagster verwijt de huisarts dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden door medische informatie van andere patiënten met haar te delen en dat hij daarnaast de eed van Hippocrates heeft geschonden door de met klaagster gemaakte afspraak voor na zijn pensioen te ontkennen en door na zijn pensioen niet meer de moeite te nemen om met klaagster in gesprek te gaan.Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard voor wat betreft de klacht over het delen van medische informatie van andere patiënten, en de klacht voor het overige kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege is het daarmee eens. Zij is van oordeel dat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van het Regionaal Tuchtcollege en zal het beroep afwijzen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:256 Hof van Discipline 's Gravenhage 260300

    Op grond van het bepaalde in artikel 46c lid 5 Advocatenwet dient een klacht tegen een deken in beginsel te worden verwezen naar een deken van een andere orde. De voorzitter zal hiertoe echter niet beslissen en licht dit als volgt toe. De klacht van klager over verweerder heeft betrekking op het dekenaal onderzoek dat verweerder heeft uitgevoerd naar aanleiding van de tuchtklacht die klager over mr. W heeft ingediend. Een klacht over een deken is geen middel om de inhoud van een dekenvisie op een tuchtklacht over een andere advocaat ter discussie te stellen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:165 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3017

    Klacht tegen een huisarts. Klaagster is met een crisismaatregel gedwongen opgenomen nadat de huisarts de crisisdienst had ingeschakeld. Klaagster verwijt de huisarts dat zij lichtvaardig aan de crisisdienst opdracht heeft gegeven om klaagster te laten opnemen, waarbij klaagster in strijd met de uitgangspunten van de Nationale Hoorservice niet haar zienswijze heeft kunnen geven. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:257 Hof van Discipline 's Gravenhage 260318

    Klacht over deken niet verwezen. Uit de mail waarin klager zijn klacht over de deken heeft ingediend, kan worden opgemaakt dat klager vindt dat de deken op basis van de door hem aangereikte informatie onderzoek moet doen. Het opvragen van een inventarislijst in reactie op de klacht van klager over mr. van D, is naar het oordeel van de voorzitter geen klachtwaardige reactie van de deken maar een -geoorloofd- verzoek om aanvulling/ verduidelijking van de klacht. Als klager opmerkingen heeft over het dekenonderzoek, dan kan hij deze, na afronding van het dekenale onderzoek en na betaling van het verschuldigde griffierecht, desgewenst voorleggen aan de tuchtrechter. Gelet hierop zal de klacht niet worden doorverwezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:188 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-012/DH/RO

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijk geschil. Verweerder is met zijn uitlating (net) over de grens van het toelaatbare gegaan. Hij heeft met deze uitlating het geschil onnodig op de spits gedreven. Bij het opleggen van de maatregel weegt de raad mee dat verweerder niet getuigt van enige (zelf)reflectie. De raad volstaat staat met een waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:68 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/770744 DW RK 25/199 BB/SM

    Klacht gegrond. Maatregel: waarschuwing. Van een gerechtsdeurwaarder mag worden verwacht dat hij e-mails en brieven met betrekking tot een bij hem in behandeling zijnde incasso binnen een redelijke termijn van in beginsel twee weken, beantwoordt. Een reactie richting klaagster heeft plaatsgevonden buiten de redelijke termijn die daarvoor staat. Dat de gerechtsdeurwaarder in de betreffende periode kampte met een sterke afname in zijn personeelbestand doet daar niet aan af.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8613

    Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Regiebehandelaar. Moeder van cliënt klaagt onder meer over de behandeling van haar zoon, die later door suïcide is overleden. Opname op Forensisch Psychiatrische Afdeling van GGZ-instelling. Afspraken over vrijheden en verloven. Wijziging van behandel- en beveiligingsafspraken in geval van incidenten. Handelen in overeenstemming met professionele competenties en rol als regiebehandelaar.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:182 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-434/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de dienstverlening van de eigen advocaat. Verweerder heeft als dominus litis de keuze kunnen maken om geluidsopnames pas in hoger beroep in te brengen. Niet gebleken dat een grief tardief is aangevoerd door toedoen van verweerder. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:189 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-708/DH/RO

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:69 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/778857/ DW RK 25/479 BB/SM

    Beslissing op verzet. Niet ontvankelijk. Overschrijding verzettermijn.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:183 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-504/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8964

    Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Klacht betreft psychodiagnostisch onderzoek dat door een GZ-psycholoog in opleiding onder verantwoordelijkheid van verweerster is gedaan. Klager verwijt verweerster ondeugdelijk onderzoek, met als gevolg onzorgvuldige diagnoses en behandeladvies en onvoldoende supervisie. Deugdelijk en zorgvuldig diagnostisch proces. Diverse onderzoeksmethoden en testonderzoek. Integratief beeld. Het bestaan van tegenstrijdige testresultaten wil niet zeggen dat het onderzoek onjuist is uitgevoerd. Rapportage voldoet aan de eisen. Supervisie conform de geldende richtlijnen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:190 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-872/DH/DH

    Gegrond verzet omdat de deken en de voorzitter uit zijn gegaan van een te beperkte klachtomschrijving. De raad ziet aanleiding om de zaak terug te verwijzen naar de deken voor nader onderzoek.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-505/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:70 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/777045 / DW RK 25/388 HE/SM

    Beslissing op verzet. Klager beklaagt zich er samengevat over dat de gerechtsdeurwaarder de beslagvrije voet te laag heeft vastgesteld, met als gevolg dat klager in zware problemen is gekomen. Nu de hoogte van de beslagvrije voet geen kwestie is die ter beoordeling van de kamer staat, heeft de kamer overwogen dat het verzet ongegrond dient te worden verklaard.