Zoekresultaten 20741-20750 van de 47908 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2011:3 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 6121
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 12-12-2011
- ECLI:NL:TAHVD:2011:3
De klacht dat door traag optreden de claim tegen de arts/ziekenhuis is verjaard en dat verweerder niet reageerde op telefoontjes en brieven van klaagster, is ook in hoger beroep gegrond. Onvoorwaardelijke schorsing van 2 weken. Bekrachtiging.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2018:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-243b
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZRSGR:2018:117
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. De vragenlijst die de gz-psycholoog heeft gebruikt voor het psychodiagnostisch onderzoek is gevalideerd en wordt veelvuldig binnen de beroepsgroep gebruikt. Niet gebleken dat het rapport niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:220 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.527
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:220
Klacht tegen arts. Klager heeft bij de gemeente WMO-aanvragen gedaan. In dat kader is klager in opdracht van de gemeente door de arts gezien. Klager verwijt verweerder dat 1) de arts een medische keuring heeft uitgevoerd in een openbare ruimte, bij de opdrachtgevende gemeente, 2) Er een heftige discussie is gevoerd over het aanreiken van het medisch dossier, 3) sprake was van een “zeer intimiderend medisch onderzoek”, 4) de arts medische machtigingen heeft verstrekt die niet voldoen aan de eisen van de KNMG en dat de medische bijlagen daarbij deels verzonnen zijn, 5) keuringen zonder geldige gronden zijn afgewezen en 6) afwijzende adviezen aan de gemeente zijn verstrekt zonder klager in de gelegenheid te stellen gebruik te maken van zijn blokkeringsrecht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep verworpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:214 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.553
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:214
Klacht tegen neuroloog. Klager is door zijn huisarts naar verweerder verwezen vanwege klachten van doofheid van de rechterwijsvinger en paresthesieën. Verweerder heeft een neurologisch onderzoek en een zenuwgeleidingsonderzoek (EMG) verricht bij klager en in een brief aan de huisarts een afwachtend beleid voorgesteld. Klager verwijt verweerder – kort gezegd – onjuiste diagnose en behandeling en onvoldoende onderzoek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:208 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.419
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:208
Klacht tegen gz-psycholoog en psychiater die in het kader van een tegen klager lopende strafzaak in opdracht van de rechtbank na klinische observatie in multidisciplinair verband een Pro Justitia dubbel-rapportage hebben uitgebracht over de geestvermogens van klager. De klacht houdt in dat de gz-psycholoog het correctierecht/het recht om bezwaren of opmerkingen te maken heeft geschonden door de door klager aan de kliniek verstrekte verklaring met bezwaren over die rapportage niet in bedoelde rapportage op te nemen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager niet-ontvankelijk verklaard op grond van het beginsel van concentratie van klachten. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klager wel ontvankelijk in de klacht overwegende dat het tuchtrecht geen (wettelijke) bepaling kent op grond waarvan een klager gehouden is zijn klachten tegen een zorgverlener alle tegelijk in één tuchtprocedure aanhangig te maken. Het Centraal Tuchtcollege overweegt voorts dat de gz-psycholoog ofwel de schriftelijke verklaring met bezwaren van klager integraal in de Pro Justitia rapportage had moeten opnemen ofwel deze aan de rapportage had moeten hechten, maar legt geen maatregel op nu de geschonden regel niet eerder zo scherp is geformuleerd en de gz-psycholoog handelde conform de toen in de observatiekliniek gebruikelijke werkwijze.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:66 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17232
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 25-07-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:66
De neurochirurg heeft klager niet onvoldoende geïnformeerd over de informed consent, nu het medisch dossier een brief van de neurochirurg aan de huisarts bevat waaruit valt af te leiden dat klager voorafgaand aan de operatie geïnformeerd is over de aard van de ingreep en de eventuele complicaties. Ook blijkt uit deze brief dat klager akkoord is gegaan met de voorgestelde ingreep. Omdat klager zich jaren later tot de neurochirurg heeft gewend met het verzoek om een telefonisch consult, is daarmee een behandelrelatie met klager ontstaan waarbinnen de neurochirurg gerechtigd was om informatie over klager in te winnen. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2011:4 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 6091
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 19-12-2011
- ECLI:NL:TAHVD:2011:4
Klacht tegen patroon en stagiaire. De klacht tegen de stagiaire is ongegrond omdat hij ten tijde van het verweten handelen nog geen advocaat was. De klachten tegen de patroon dat hij ten onrechte de indruk heeft gewekt dat hij bij de echtscheiding ook de belangen van klager zou behartigen, ten onrechte heeft aangegeven dat het tekenen van de akte van berusting alleen gevolgen zou hebben voor de inschrijving van de echtscheiding en niet voor de alimentantie, en dat hij, ondanks de belofte nadat hij klager de akte van berusting had laten ondertekenen, niet meer heeft gedaan om het alimentatievraagstuk in der minne op te lossen, zijn gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2018:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-016
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZRSGR:2018:118
Gegronde klacht tegen een huisarts. De (waarnemend) huisarts had op grond van de NHG Standaard Visusklachten meer regie moeten nemen om te zorgen dat klager binnen korte termijn door een oogarts werd gezien in verband met mouches volantes en lichtflitsen. Zij had dit duidelijker in de verwijsbrief moeten vermelden en betere instructies moeten geven aan alle betrokkenen. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:221 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.528
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:221
Klacht tegen een gz-psycholoog. Klager en zijn ex-echtgenote hebben via hun advocaten gecorrespondeerd over de mogelijkheid hun twee kinderen te laten beoordelen door een psycholoog. Bureau Jeugdzorg stuurt de op de kinderen betrekking hebbende stukken naar de gz-psycholoog. Klager stemt niet in met deze door de moeder voorgestelde psycholoog. Op verzoek van klager stuurt de gz-psycholoog deze stukken daarom weer terug. Zij had de stukken toen al gelezen en daarover met de ex-echtgenote gesproken. Klager verwijt de gz-psycholoog o.m. dat zij zonder toestemming van beide ouders is gestart met oriënterende gesprekken en niet heeft gereageerd op door hem ingesproken voicemailberichten. Klager verwijt de gz-psycholoog voorts dat zij zonder toestemming van beide ouders en zonder de kinderen en beide ouders te hebben gesproken, schriftelijke verklaringen heeft afgelegd over o.m. het welbevinden van de kinderen. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht gegrond, voor zover deze betrekking heeft op één van de schriftelijke verklaringen en waarschuwt de gz-psycholoog. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht voor het overige af. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege, voor zover deze de klacht heeft afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:209 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.433
- Datum publicatie: 25-07-2018
- Datum uitspraak: 24-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:209
Klacht tegen gz-psycholoog en psychiater die in het kader van een tegen klager lopende strafzaak in opdracht van de rechtbank na klinische observatie in multidisciplinair verband een Pro Justitia dubbel-rapportage hebben uitgebracht over de geestvermogens van klager. De klacht houdt in dat de psychiater 1) het correctierecht/het recht om bezwaren of opmerkingen te maken heeft geschonden door de door klager aan de kliniek verstrekte verklaring met bezwaren over die rapportage niet in de rapportage op te nemen, 2) heeft gehandeld in strijd met het recht op afschrift van (een deel van) het medisch dossier, door klager niet de verklaring te verstrekken die hij zelf schriftelijk heeft ingediend (en waarover hij thans zelf niet meer beschikt) noch de schriftelijke gegevens omtrent de tijdens zijn opname gehouden groepsgesprekken, 3) zich niet bereikbaar heeft opgesteld (inzake de onder 2 bedoelde verzoeken), 4) weigert medewerking te verlenen aan het indienen van een klacht bij de klachtencommissie en 5) niet beschikt over een klachtenregeling conform de Wkkgz. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager niet-ontvankelijk verklaard in klachtonderdeel 1 op grond van het beginsel van concentratie van klachten en de klachten voor het overige afgewezen. Klager komt in beroep van de klachtonderdelen 1 en 4. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klager wel ontvankelijk in klachtonderdeel 1 overwegende dat het tuchtrecht geen (wettelijke) bepaling kent op grond waarvan een klager gehouden is zijn klachten tegen een zorgverlener alle tegelijk in één tuchtprocedure aanhangig te maken. Het Centraal Tuchtcollege overweegt voorts dat de psychiater ofwel de schriftelijke verklaring met bezwaren van klager integraal in de Pro Justitia rapportage had moeten opnemen ofwel deze aan de rapportage had moeten hechten, maar legt aan de psychiater geen maatregel op nu de geschonden regel niet eerder zo scherp is geformuleerd en de psychiater handelde conform de toen in de observatiekliniek gebruikelijke werkwijze. Voor het overige wordt het beroep verworpen.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2074
- Pagina: 2075
- Pagina: 2076
- ...
- Pagina: 4791
- Volgende pagina zoekresultaten