Zoekresultaten 1-20 van de 47606 resultaten

  • ECLI:NL:TNORARL:2026:12 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/452082 KL RK 25-81

    Klaagster verwijt de notaris (1) dat hij het testament van vader niet had mogen passeren aangezien vader onder druk is gezet door zijn dochter, (2) dat de notaris onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van vader ten tijde van het passeren van het testament en (3) dat de notaris heeft gefaald als toezichthouder op moeder als executeur in de nalatenschap van vader. De kamer is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat vader in een zodanige toestand verkeerde dat hij niet in staat was om zijn wil te bepalen en evenmin dat hij onder druk is gezet door (een) derde(n). De notaris was bewust van beginnend Alzheimer bij vader en er was volgens de notaris geen aanleiding om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van vader. De notaris had voorts ook geen indicatie dat sprake was van ongeoorloofde beïnvloeding door dochter van vader. Er bestaat dan ook geen aanleiding om te oordelen dat de notaris onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij het controleren van de wilsbekwaamheid van vader of dat hij het testament niet had mogen passeren. De kamer stelt tot slot vast dat de notaris geen rol heeft als toezichthouder op moeder als executeur en dat hij ook niet als executeur opgetreden is. De klacht is in al haar onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORARL:2026:13 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/455325 / KL RK 25-112

    klacht over advies door de kandidaat-notaris over een (levens)testament, over de wijze van communicatie door de kandidaat-notaris en over de declaratie en interne klachtafwikkeling. De kamer oordeelt dat sprake was van miscommunicatie, maar dat de kandidaat-notaris zich op dit punt heeft ingespannen en geen sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Het gedeclareerde bedrag was tussen partijen afgesproken en heeft klager ook betaald. Voor de interne klachtafwikkeling door een collega kan de kandidaat-notaris niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden. Klacht deels ongegrond en deels niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:118 Raad van Discipline Amsterdam 26-386/A/NH

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in een huurgeschil gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk kennelijk ongegrond. Klaagster heeft geen rechtstreeks belang bij haar klacht over de communicatie tussen verweerster en haar cliënte. Verder is niet gebleken dat verweerster klaagster onder druk heeft gezet.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8348

    Deels gegronde klacht tegen tandarts. Klaagster had acute pijnklachten en heeft de tandarts gebeld. Zij verwijt de tandarts dat hij toen direct, zonder haar voorafgaande toestemming, een behandeling heeft ingepland en haar onprofessioneel heeft bejegend. Ook verwijt zij de tandarts dat hij haar vader heeft gebeld, waarmee hij haar autonomie en privacy als volwassen vrouw heeft geschonden. Dit laatste acht het college gegrond en tuchtrechtelijk verwijtbaar. De tandarts heeft zijn beroepsgeheim geschonden door als tandarts met de vader van een volwassen patiënt over haar gedrag te spreken. Het college vindt dit een ernstige miskenning van de professionele standaard en de autonomie van klaagster. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:178 Hof van Discipline 's Gravenhage 260164

    Niet-verwijzing. Met de onderhavige klacht van 5 mei 2026 stelt klager opnieuw de handelwijze van de deken aan de orde in relatie tot de klachten van klager over zijn voormalige advocaat. Dit ondanks dat de raad de klacht over de deken bij beslissing van 14 oktober 2025 kennelijk ongegrond heeft verklaard en het tegen die beslissing ingestelde verzet ongegrond is verklaard. Van nieuwe feiten is het hof niet gebleken. Door wederom een klacht in te dienen over de deken Den Haag is de voorzitter van oordeel dat klager misbruik van het klachtrecht maakt.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8904

    Kennelijk ongegronde klacht tegen tandarts. Klager had een gaatje in zijn kies. De tandarts adviseerde een volledige prothese in de bovenkaak en een plaatje in de onderkaak. Klager vindt dat de tandarts het gaatje in de kies had moeten vullen. Klager stelt ook dat de tandarts weigerde om een controle uit te voeren. Het college heeft geen aanleiding om ervan uit te gaan dat de tandarts de controle heeft geweigerd. Volgens het college is het aan de/een tandarts om een professionele afweging te maken en te beoordelen of de door een patiënt gewenste behandeling geïndiceerd en mogelijk is. Dat heeft de tandarts gedaan en een alternatieve behandeling voorgesteld. Het college acht dit niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:117 Raad van Discipline Amsterdam 26-252/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerder mocht zonder nader onderzoek uitgaan van de juistheid van de van zijn cliënte verkregen informatie. De door verweerder gebruikte term ‘leugenaar’ kwalificeert in de context van het geschil niet als onnodig grievend.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:107 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9468

    Doorhaling, algemeen beroepsverbod bij voordacht van IGJ over verpleegkundige vanwege het missen van de geschiktheid tot het uitoefenen van het beroep als verpleegkundige door middelenmisbruik.College: problematisch alcoholgebruik, verweerder is aangehouden voor rijden onder invloed met medicatie in de auto, heeft alcohol gedronken op de parkeerplaats van het ziekenhuis, is meermaals onder invloed. De medische informatie geeft blijk van een hardnekkige verslaving. Voor verweerder is een zorgmachtiging afgegeven voor het ondergaan van verplichte zorg. Verweerder verklaarde in het verleden meermaals niet naar waarheid, was niet aanspreekbaar voor de politie, ambulancedienst en IGJ, toont weinig zelfinzicht, reflectie en transparantie door onder andere het expertiserapport niet te delen.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:102 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8162

    Kennelijk ongegronde klacht. Na een beugelbehandeling bij de tandarts gedurende 10 maanden is de behandeling aan de opvolger van de tandarts overgedragen. Klaagster verwijt de tandarts op meerdere onderdelen een onjuiste behandeling te hebben uitgevoerd. Ook zouden geen goede diagnose en behandelplan zijn opgesteld.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:103 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8414

    Kennelijk ongegronde klacht. Na een beugelbehandeling bij de tandarts gedurende ruim een jaar is de behandeling op verzoek van klaagster, moeder van de patiënt, aan een andere behandelaar overgedragen. Klaagster verwijt de tandarts op meerdere onderdelen een onjuiste behandeling te hebben uitgevoerd. Ook zouden geen goede diagnose en behandelplan zijn opgesteld.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:104 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8366

    Klacht van klager/orthodontist tegen collega orthodontist. Na beëindiging van de praktijk door klager hebben diverse patiënten zich tot verweerder gewend, die zich in (te) ferme en negatieve bewoordingen heeft uitgelaten over de kwaliteit van de zorg die klager had geleverd aan de patiënten, uitdrukkelijk de suggestie heeft gedaan dat een klacht hierover kon worden ingediend en in één geval ook herhaaldelijk heeft geïnformeerd naar de stand van zaken rond het indienen van de klacht. Daarnaast heeft hij zeker in één geval een patiënt overgenomen die hij in het kader van een second opinion heeft gezien. De klacht van de collega orthodontist is ontvankelijk omdat het handelen gevolgen heeft voor de kwaliteit van de patiëntenzorg. Het handelen kan namelijk bijdragen aan onrust bij (ouders van) patiënten en het vertrouwen in de zorgverlening. De beoordeling vindt plaats met toepassing van de tweede tuchtnorm. De klacht is gegrond. Als maatregel wordt een berisping opgelegd. De gevraagde kostenveroordeling wordt toegekend aan de hand van de Oriëntatiepunten kostenveroordeling tuchtcolleges voor de gezondheidszorg.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:105 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9467

    Doorhaling, algemeen beroepsverbod bij klacht van IGJ over verpleegkundige. De IGJ verwijt verweerder dat hij zich presenteerde als professioneel hulpverlener terwijl hij toen BHV’er was en daarbij onprofessioneel en onzorgvuldig handelde. Ook verwijt de IGJ verweerder dat hij ondanks zijn alcoholgebruik in de zorg werkzaam blijft zonder randvoorwaarden. Verweerder erkent zijn alcoholprobleem, zijn presentatie als professioneel hulpverlener en de medische handelingen die hij niet mocht verrichten. Verweerder meent dat het wegnemen van opiaten bij werkgever niet vaststaat vanwege het hoger beroep van de strafrechtelijke veroordeling.College: verweerder was betrokken bij meerdere incidenten, was meermaals onder invloed, nuttigde alcohol op de parkeerplaats van het ziekenhuis, handelde niet volgens de richtlijnen, was niet aanspreekbaar voor de politie, ambulancedienst en IGJ, toont weinig zelfinzicht, reflectie en transparantie door onder andere het expertiserapport niet te delen.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:106 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9025

    Klacht tegen tandarts over de rekening (kosten zouden worden vergoed of er zouden geen kosten in rekening worden gebracht en er zouden kosten in rekening zijn gebracht voor een behandeling die niet heeft plaatsgevonden) en over bejegening kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:137 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-843/AL/MN

    Ongegrond verzet

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:69 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-329/DB/ZWB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over een advocaat i de hoedanigheid van klachtenfunctionaris. Verweerster kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt van de wijze waarop zij de klacht heeft behandeld. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:138 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-302/AL/GLD

    voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij. Naar het oordeel van de voorzitter is de dagvaarding rechtsgeldig aan klaagster betekend. Dat de vertegenwoordiger van klaagster daar pas later kennis van heeft genomen, kan verweerder niet toe te rekenen. Dat verweerder namens zijn cliënt feiten heeft gesteld waarvan hij wist of had moeten weten dat die onjuist waren is de voorzitter niet gebleken. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:176 Hof van Discipline 's Gravenhage 260049

    Beklag artikel 13 Advocatenwet. Ongegrond Het hof begrijpt dat klager voor twee procedures een advocaat toegewezen wenst te krijgen. In één van die twee zaken is een eindvonnis gewezen op 28 januari 2026. De deken heeft zich terecht op het standpunt kunnen stellen dat hij voor die procedure geen advocaat meer aanwijst omdat die procedure is geëindigd. Voor die procedure heeft klager geen belang meer bij aanwijzing. Voor de andere procedure is de deken ervan uitgegaan dat zich in die procedure een advocaat heeft gesteld. Dat is niet weersproken. Het enkele feit dat de betreffende advocaat naar zeggen van klager niet voldoet of heeft voldaan aan een opdracht van klager leidt er niet tot dat klager een beroep kan doen op artikel 13 Advocatenwet. Dat is mogelijk pas het geval als de advocaat zich heeft onttrokken en de opdracht van klager heeft neergelegd. Dat is echter niet gebleken. De deken had dan ook goede gronden om het verzoek van klager af te wijzen.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2026:14 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/53

    De klager heeft zijn ex-partner geholpen met het overnemen van een woning door samen met haar een hypotheeklening aan te gaan. Het was de bedoeling dat de ex-partner de onverdeelde helft van haar woning vervolgens aan de klager zou leveren. Zo ver is het echter niet gekomen, omdat zij geen overeenstemming hebben bereikt over de voorwaarden waaronder de verkoop en levering moesten plaatsvinden. De klager verwijt de oud-notaris in de kern dat hij de leveringsakte niet heeft gepasseerd. Dat klachtonderdeel is te laat ingediend en daarom niet-ontvankelijk.De klacht is gegrond voor zover de oud-notaris in de periode na 31 oktober 2022 tot medio augustus 2023 niet heeft gerappelleerd en niet actief bij de klager is nagegaan of hij en de ex-partner al overeenstemming hadden bereikt over de voorwaarden waaronder de levering gerealiseerd moest worden. Ondanks dat de eerste verantwoordelijkheid bij de klager lag om contact met de oud-notaris op te nemen, zijn er wel bijzondere omstandigheden waardoor de oud-notaris had moeten rappelleren. De klager liep immers een risico, omdat hij hoofdelijk aansprakelijk was voor de aan de woning verbonden hypotheekschuld, terwijl daar voor hem geen eigendomsrecht tegenover stond. Aan de oud-notaris wordt een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:70 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-376/DB/ZWB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft in het belang van zijn cliënt ervoor willen zorgen dat klaagsters boek zo snel mogelijk uit de verkoop werd gehaald. Hij mocht daartoe zowel de auteur, uitgeverij als verkooppunten gelijktijdig aanschrijven. Het sommeren van de verkooppunten om het boek uit de verkoop te halen had een redelijk doel. Niet kan worden ingezien waarom verweerder klaagsters privacy heeft geschaad. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:139 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-303/AL/GLD

    Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond