ECLI:NL:TAHVD:2026:61 Hof van Discipline 's Gravenhage 260027

ECLI: ECLI:NL:TAHVD:2026:61
Datum uitspraak: 20-02-2026
Datum publicatie: 23-02-2026
Zaaknummer(s): 260027
Onderwerp: Tuchtprocesrecht, subonderwerp: Verwijzing
Beslissingen: Verwijzing
Inhoudsindicatie: Verzoek om verwijzing naar een raad van discipline in een ander ressort niet-ontvankelijk. Artikel 46aa lid 3 Advocatenwet is niet van toepassing omdat de klacht niet is gericht tegen een advocaat-lid van de raad. Ook overigens is er geen wettelijke grondslag om het verzoek toe te wijzen. Het verzoek kan niet worden toegewezen. Omdat de wettelijke grondslag voor het verzoek ontbreekt zal het hof het verzoek om verwijzing van de behandeling van de klacht van klaagster over verweerder naar een raad van discipline in een ander ressort niet-ontvankelijk verklaren.

Beslissing van de voorzitter van

het Hof van Discipline

van 20 februari 2026

in de zaak 260027

naar aanleiding van het verzoek van:

de Raad van Discipline Den Haag inzake de klacht van

klaagster

tegen:

verweerder

1 HET VERZOEK

De voorzitter van het hof verwijst naar het e-mailbericht van de griffier van de Raad van Discipline Den Haag (hierna: de raad) van 3 februari 2026. Hierin wordt verzocht om verwijzing van bovenstaande procedure naar een raad van discipline in een ander ressort omdat verweerder wordt bijgestaan door een advocaat-gemachtigde die tevens als advocaat-lid is verbonden aan de raad.

DE BEOORDELING

Artikel 46aa lid 3 Advocatenwet is in dit geval niet van toepassing omdat de klacht niet is gericht tegen een advocaat-lid van de raad. Ook overigens is er geen wettelijke grondslag om het verzoek toe te wijzen. Het verzoek kan niet worden toegewezen. Omdat de wettelijke grondslag voor het verzoek ontbreekt zal het hof het verzoek om verwijzing voor behandeling van voormelde klacht van klaagster over verweerder naar een raad van discipline in een ander ressort niet-ontvankelijk verklaren.

BESLISSING

De voorzitter van het Hof van Discipline:

verklaart het verzoek om verwijzing voor behandeling van voormelde klacht van klaagster over verweerder naar een raad van discipline in een ander ressort niet-ontvankelijk


Deze beslissing is genomen op 20 februari 2026 door mr. drs. P. Fortuin, plaatsvervangend voorzitter.

Plaatsvervangend voorzitter

De beslissing is verzonden op 20 februari 2026.