Overheid.nl

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Terug naar zoekresultaten

ECLI:
ECLI:NL:TAHVD:2012:YA4473
Datum uitspraak:
17-12-2012
Datum publicatie:
16-06-2013
Zaaknummer(s):
6333
Onderwerp:
Wat een behoorlijk advocaat betaamt t.o. zijn medeadvocatenWelwillendheid in het algemeen Wat een behoorlijk advocaat betaamt t.o. de wederpartijConfraternele correspondentie/schikkingsonderhandelingen
Beslissingen:
Waarschuwing
Inhoudsindicatie:
Bekrachtiging uitspraak raad over niet-confraterneel handelen bij vaststellingsovereenkomst. Waarschuwing.

Dordrecht

Beslissing                                    

van 17 december 2012

in de zaak 6333

naar aanleiding van het hoger beroep van:

verweerder

tegen:

klager

1    HET GEDING IN EERSTE AANLEG

Het hof verwijst naar de beslissing van de Raad van Discipline in het ressort ’s Gravenhage (verder: de raad) van 9 januari 2012, onder nummer R.3657/11.59, aan partijen toegezonden op 13 januari 2012, waarbij van een klacht van klager tegen verweerder klachtonderdeel c niet-ontvankelijk is verklaard, de klachtonderdelen a en b gegrond zijn verklaard en de maatregel van een enkele waarschuwing is opgelegd.

De beslissing is gepubliceerd op tuchtrecht.nl onder LJN YA2445.

2    HET GEDING IN HOGER BEROEP

2.1    De memorie waarbij verweerder van deze beslissing in hoger beroep is gekomen voor zover de klachtonderdelen a en b gegrond zijn verklaard en een maatregel is opgelegd, is op 9 februari 2012 ter griffie van het hof ontvangen.

2.2    Het hof heeft voorts kennis genomen van:

-    de stukken van de eerste aanleg;

-    de antwoordmemorie van klager;

-    de brief van gemachtigde van verweerder aan het hof van 4 september 2012.

2.3    Het hof heeft de zaak mondeling behandeld ter openbare zitting van 22 oktober 2012, waar klager en verweerder, samen met zijn gemachtigde, zijn verschenen.

3    KLACHT

3.1    Klager verwijt verweerder dat hij:

a.    Niet-confraterneel en klachtwaardig heeft gehandeld door bij het onderhandelen over en het sluiten van een vaststellingsovereenkomst niet aan klager te vragen naar zijn, klagers, kosten en de mogelijke bereidheid van klager om deze te matigen;

b.    de vaststellingsovereenkomst niet aan klager heeft doen toekomen;

c.    (…)

4    FEITEN

    In overweging 2. heeft de raad vastgesteld van welke feiten in deze procedure wordt uitgegaan. De door de raad vastgestelde feiten, welke niet zijn betwist, vormen ook in hoger beroep het uitgangspunt.

5    BEOORDELING

5.1    Het onderzoek in hoger beroep, dat zich richt tegen de beslissing op de klachtonderdelen a en b, heeft niet geleid tot andere beschouwingen en gevolgtrekkingen dan die vervat in de beslissing van de raad, waarmee het hof zich verenigt.

5.2    De grieven van verweerder tegen de beslissing van de raad worden verworpen. De beslissing van de raad dient te worden bekrachtigd.

    BESLISSING

Het Hof van Discipline:

bekrachtigt de beslissing van de Raad van Discipline in het ressort ‘s Gravenhage van9 januari 2012, gewezen onder nummer R.3657/11.59, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.

Aldus gewezen door mr. W.H.B. den Hartog Jager, voorzitter, mrs. J.H.J.M. Mertens-Steeghs, G.R.J. de Groot, G.J.L.F. Schakenraad en M.L. Weerkamp, leden, in tegenwoordigheid van mr. M. Stevens, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 17 december 2012.

Hoger Beroep

Meer informatie

Acties

Meta gegevens