Overheid.nl

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Terug

ECLI:
ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0664
Datum uitspraak:
12-07-2011
Datum publicatie:
26-09-2011
Zaaknummer(s):
GDW789.2010
Onderwerp:
Ambtshandelingen (art. 2 Gdw)
Beslissingen:
Inhoudsindicatie:
De gerechtsdeurwaarder heeft door klager gedane betalingen te laat aan zijn opdrachtgever afgedragen waardoor klager niet werd afgemeld bij het College voor Zorgverzekeringen. Klacht gegrond, geen maatregel opgelegd.

 

KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM4

Beschikking van 12 juli 2011 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer 789.2010 van:

 

[     ],

wonende te [     ],

klager,

 

tegen:

 

[     ],

gerechtsdeurwaarder te [     ],

beklaagde,

gemachtigde: [     ].

 

Ontstaan en loop van de procedure

 

Bij brief met bijlagen ingekomen op 2 november heeft klager een klacht ingediend tegen beklaagde, hierna: de gerechtsdeurwaarder.

Bij aangehechte brief ingekomen op 14 december 2010 heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd. De klacht is behandeld ter openbare terechtzitting van 31 mei 2011, alwaar de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarder is verschenen. Klager is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. De gerechtsdeurwaarder heeft een pleitnotitie overgelegd. Van de behandeling is afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt. De uitspraak is bepaald op 12 juli 2011.

 

1. De feiten

 

De gerechtsdeurwaarder heeft een aantal vorderingen van eenziektekostenverzekeraar op klager in behandeling gehad. Op 16 juni 2010 heeft klager de laatste betaling aan de gerechtsdeurwaarder gedaan waarmee alle vorderingen aan de gerechtsdeurwaarder waren voldaan. De gerechtsdeurwaarder heeft klager hiervan op 6 augustus 2010 bericht.

 

2. De klacht

 

Klager verwijt de gerechtsdeurwaarder - kort samengevat en in hoofdzaak - dat deze zijn betalingen nog niet geheel heeft afgedragen aan de ziektekostenverzekeraar. Deze heeft klager meegedeeld dat hij daardoor nog niet kan worden afgemeld bij het College voor Zorgverzekeringen.

  

3. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder

 

3.1 De gerechtsdeurwaarder heeft de klacht weersproken. Aan de opdrachtgever is op 13 augustus 2010 gemeld dat de vorderingen waren voldaan. Dat klager door zijn opdrachtgever nog niet is afgemeld bij het College voor Zorgverzekeringen ligt niet aan hem, aldus de gerechtsdeurwaarder. Hij heeft daar geen invloed op. De administratieve afhandeling vond plaats in september en oktober 2010 en heeft enige tijd in beslag genomen. De gerechtsdeurwaarder heeft voor de gang van zaken zijn excuses aangeboden, ook al omdat de afwikkeling van de vordering op klager niet volgens zijn eigen richtlijnen is verlopen.

 

3.2 Ter zitting heeft de gerechtsdeurwaarder aangevoerd dat als gevolg van een automatiseringsproject de afrekening van de zaak van klager met de opdrachtgever vertraging heeft opgelopen. De gerechtsdeurwaarder verkeerde in de veronderstelling dat de afrekening spoedig na de melding van 13 augustus 2010 zou plaatsvinden. Deze afrekening is te laat de deur uitgegaan. In de praktijk meldt de opdrachtgever een vordering pas af bij het College van Zorgverzekeringen na ontvangst van de afrekening. Uit navraag bij de opdrachtgever is gebleken dat klager pas op 1 november 2010 is afgemeld met als einddatum 30 juni 2010. Ook bij de opdrachtgever bleek sprake van een administratief probleem. Klager heeft hierdoor echter geen financieel nadeel geleden.

 

4. Beoordeling van de klacht

 

4.1 Ingevolge artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn gerechtsdeurwaarders en kandidaat-gerechtsdeurwaarders onderworpen aan tuchtrechtspraak ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met die wet of in strijd met hetgeen een behoorlijk gerechtsdeurwaarder betaamt. Ter beoordeling staat of de handelwijze van de gerechtsdeurwaarder een tuchtrechtelijk verwijtbare gedraging in de zin van dit artikel oplevert.

 

4.2 Daarvan is sprake. De Kamer acht de klacht gegrond. De gerechtsdeurwaarder heeft de geïncasseerde bedragen in strijd met de Verordening beroeps- en gedragsregels gerechtsdeurwaarders en in strijd met art. 10 van de Verordening KBvG Normen voor Kwaliteit d.d. 1 juni 2010 niet tijdig afgedragen.

 

4.3 De Kamer ziet echter in de omstandigheden van dit geval, geen aanleiding tot het opleggen van een maatregel, omdat de gerechtsdeurwaarder zijn automatiseringssysteem inmiddels heeft aangepast en contact met de opdrachtgever heeft opgenomen naar aanleiding van de mededelingen van klager dat hij nog steeds niet was afgemeld bij het College voor Zorgverzekeringen.

 

BESLISSING

 

De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders:

 

-       verklaart de klacht gegrond;

 

-       ziet van het opleggen van een maatregel af.

 

 

Aldus gegeven door mr. H.C. Hoogeveen, plaatsvervangend-voorzitter, mr. C.W. Inden en mr. J.J.L. Boudewijn (plaatsvervangend) leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 juli 2011 in tegenwoordigheid van de secretaris.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.

 

 

 

 

 

 

Meer informatie

Acties

Meta gegevens