Overheid.nl

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Terug

ECLI:
ECLI:NL:RBAMS:2009:YB0311
Datum uitspraak:
07-07-2009
Datum publicatie:
18-09-2009
Zaaknummer(s):
2008.545
Onderwerp:
Ambtshandelingen (art. 2 Gdw)
Beslissingen:
Een berisping met aanzegging
Inhoudsindicatie:
Beslag ondanks dat betalingsregeling werd nagekomen.

KAMER VOOR GERECHTSDEURWAARDERS TE AMSTERDAM6,4

Beschikking van 7 juli 2009 zoals bedoeld in artikel 43 van de Gerechtsdeurwaarderswet inzake de klacht met nummer 545.2008 van:

 

[     ],

wonende te [     ],

klager,

 

tegen:

 

[     ],

gerechtsdeurwaarder te [     ],

beklaagde.

 

Ontstaan en loop van de procedure

 

Bij brief met bijlagen ingekomen op 19 november 2008 heeft klager een klacht ingediend tegen beklaagde, hierna de gerechtsdeurwaarder.

Bij aangehechte brief met bijlagen ingekomen op 22 december 2008 heeft de gerechtsdeurwaarder op de klacht gereageerd. De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van 26 mei 2009 alwaar klager is verschenen. De gerechtsdeurwaarder heeft bij e-mail van 26 mei 2009 laten weten niet in staat te zijn de behandeling van de klacht bij te wonen. Hij heeft verwezen naar het verweerschrift. Van de behandeling is afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt. De uitspraak is bepaald op 7 juli 2009.

 

1. De feiten

 

a)         Aan de gerechtsdeurwaarder is opdracht verstrekt tot het executeren van een tegen klager gewezen vonnis van de Kantonrechter te [     ] van 15 september 2004.

b)         Bij brief van 24 januari 2006 heeft de gerechtsdeurwaarder klager meegedeeld akkoord te gaan met een door klager gedaan betalingsvoorstel van € 100 per maand van januari 2006 tot en met juni 2006. Daarbij is meegedeeld dat vanaf juli 2006 een hoger bedrag per maand moest worden afgelost. De laatste zinnen van de brief luiden: “U dient de betalingsregeling stipt na te komen. Gebeurt dit niet, dan is alles ineens en in zijn geheel opeisbaar geworden, waarop door ons tot tenuitvoerlegging van de titel zal worden overgegaan. “

c)         Klager is deze betalingsregeling stipt nagekomen.

d)         De opdrachtgever heeft de gerechtsdeurwaarder bij brief van 14 februari 2006 verzocht beslag te leggen op de woning van klager.

e)         De gerechtsdeurwaarder heeft op 2 maart 2006 executoriaal beslag gelegd op de woning. Dit beslag is overbetekend aan de hypotheekhouder, [     ].

f)         Klager heeft vervolgens met behulp van een advocaat het beslag aangevochten.

 

2. De klacht

 

Klager stelt – samengevat - dat de gerechtsdeurwaarder door ondanks de betalingsregeling executoriaal beslag te leggen artikel 10 van de Verordening beroeps- en gedragsregels gerechtsdeurwaarders (hierna: de Verordening) heeft overtreden. Klager wenst de daardoor door hem betaalde extra kosten tot een bedrag van € 1324,19 terug te ontvangen van de gerechtsdeurwaarder.

 

3. Het verweer van de gerechtsdeurwaarder

 

De gerechtsdeurwaarder heeft aangevoerd – samengevat - dat niet in strijd met de Verordening is gehandeld. Omdat de opdrachtgever beslag wenste te leggen ondanks de getroffen betalingsregeling, liet de ministerieplicht ex artikel 11 van de Gerechtsdeurwaarderswet geen andere mogelijkheid dan om tot de verzochte beslaglegging over te gaan. Klager had destijds een executiegeschil moeten starten. De gerechtsdeurwaarder betwist de hoogte van de vordering van klager en is van oordeel dat klager zich daarvoor tot de civiele rechter dient te wenden.

 

4. Beoordeling van de klacht

 

4.1. Het gerechtsdeurwaarderskantoor [     ], waarvan [     ] de rechtsopvolger is, kan niet worden aangemerkt als beklaagde. Gelet daarop is de verweer voerende gerechtsdeurwaarder aangemerkt als beklaagde. Hiermee is in de aanhef van de beschikking al rekening gehouden.

 

4.2 Op grond van artikel 34, eerste lid, van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn slechts gerechtsdeurwaarders (waarnemend gerechtsdeurwaarders en kandidaat-gerechtsdeurwaarders inbegrepen) aan tuchtrechtspraak onderworpen, ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling en ter zake van enig handelen of nalaten dat een behoorlijk gerechtsdeurwaarder niet betaamt.

 

4.2. Ter beoordeling staat of de handelwijze van de gerechtsdeurwaarder een tuchtrechtelijk verwijtbare gedraging in voormelde zin oplevert.

 

4.3 Daarvan is hier sprake. De Kamer is van oordeel dat de gerechtsdeurwaarder zeer onzorgvuldig heeft gehandeld. De Kamer acht de klacht gegrond. Uit de laatste alinea van de brief van 24 januari 2006 die aan klager is verstuurd, volgt impliciet dat indien de regeling stipt wordt nagekomen er geen executiemaatregelen zullen volgen. Klager mocht er dus van uitgaan nu hij de regeling correct is nagekomen dat er geen beslag zou worden gelegd. Dit geldt eens te meer nu de gerechtsdeurwaarder niet het voorbehoud heeft gemaakt dat de regeling pas tot stand zou komen na toestemming van zijn opdrachtgever. Kennelijk heeft de gerechtsdeurwaarder zijn opdrachtgever niet van de regeling op de hoogte gesteld en daarmee heeft hij ook zijn informatieplicht jegens zijn opdrachtgever geschonden. Het valt de gerechtsdeurwaarder dan ook te verwijten dat door zijn toedoen de kosten voor klager nodeloos zijn opgelopen.

 

4.4 Gelet op de aard van de verweten gedraging zal de Kamer tot oplegging van na te melden maatregel overgaan.

 

BESLISSING

 

De Kamer voor gerechtsdeurwaarders:

 

-         verklaart de klacht gegrond;

-         legt aan de gerechtsdeurwaarder de maatregel van berisping op met de aanzegging dat indien andermaal door hem een van de in artikel 34 van de Gerechtsdeurwaarderswet, eerste lid, bedoelde handelingen of verzuimen wordt gepleegd, een geldboete, schorsing of ontzetting uit het ambt zal worden overwogen.

 

Aldus gegeven door mr. C.M. Berkhout, voorzitter, mr.J.H. Dubois en mr.A.C.J.J.M. Seuren (plaatsvervangend) leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 juli 2009 in tegenwoordigheid van de secretaris.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tegen deze beslissing kan binnen dertig dagen na dagtekening van verzending van het afschrift van de beslissing hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.

 

Meer informatie

Acties

Meta gegevens